Wie helpt het kwetsbare kind als de centen op zijn?

Cor Strik en Frans van Haeren uit Ravenstein wilden pleegkinderen. Gewóne kinderen die alleen maar een liefdevol thuis nodig hadden. Ze kregen er drie. Met nogal wat beperkingen en trauma's. De pleegvaders zaten met de handen in het haar. En het ergste? De problemen waren bij de instanties bekend, maar die zwegen. En dat komt vaker voor. Wat is er mis in de jeugdzorg?

Je denkt dat je huis en hart groot genoeg zijn om een pleegkind op te kunnen vangen. En dan krijg je twee broertjes en een zusje aangeboden. Geweldig toch! Maar dan kom je erachter dat die kinderen een behoorlijk zware rugzak dragen vol aanzienlijke beperkingen. Niks slechts verstandelijk of motorisch een béétje achter. Twee van de kleintjes hebben een zeer laag IQ en een bult aan trauma's. En dát was er niet bij gezegd.

Het overkwam Cor Strik (44) en zijn partner Frans van Haeren (56) uit Ravenstein. Dat zij niet de enigen zijn, blijkt uit een rapport van ZonMw, organisatie voor gezondheidsonderzoek. Het verscheen afgelopen januari in opdracht van de ministeries van Volksgezondheid en Justitie. In het rapport wordt tussentijds de balans opgemaakt. Gaat het allemaal wel goed met de jeugdzorg sinds het rijk in 2015 de gemeenten aan het roer zette? De belangrijkste conclusie is dat de doelen van de nieuwe wet nog lang niet zijn gehaald. Het lukt gemeenten onvoldoende om de juiste hulp op maat te bieden. Intussen betalen de kwetsbaarste kinderen de rekening voor al dit onvermogen.

Terug naar Ravenstein. Stel je even voor: daar stonden twee kersverse pleegvaders met drie kleintjes van 3, 7 en 8 jaar. Bij hen gebracht door Oosterpoort, organisatie voor jeugdhulp met kantoren in Den Bosch en Oss. Twee kersverse pleegvaders die regelmatig met de handen in het haar zaten. Wat was er in vredesnaam met die kinderen aan de hand; wat moesten ze hiermee? Ze wisten van toeten noch blazen. Hadden slechts wat eenvoudige cursussen gevolgd voor het aanstaande pleegouderschap. Ze werden niet doorverwezen naar specialistische ondersteuners, terwijl dat overduidelijk hard nodig was.

Psst, vind je dit interessant?

Ontdek Topics nu 1 maand gratis en stel je eigen nieuwsoverzicht samen.

Lees 1 maand gratis

Al abonnee?

Log in en lees altijd gratis Topics.

Voordat ze het wisten, waren ze verwikkeld in een onaangename strijd met Oosterpoort. Omdat pas na twee jaar bleek dat voor hen verzwegen was dat de kinderen eerder een specialistische indicatie hadden, waarmee ze extra zorg en begeleiding konden krijgen. Dat dus simpelweg allang bekend was dat alle drie de kinderen kampten met enkele nogal ingewikkelde problemen. Dat de kinderen plat gezegd waren 'verkocht' voor 'gewone' pleegkinderen. Zonder zware rugzak.

,,Wij kwamen daar bij toeval achter. Voordat wij de kleintjes kregen, woonden ze al vijf jaar in een ander liefdevol pleeggezin. Toen de pleegmoeder overleed, kon de pleegvader niet alleen voor hen zorgen. Dus zocht Oosterpoort een nieuwe plek. En nu komt het: toen wij een keer tegenover die pleegvader verzuchtten dat we het zo zwaar vonden allemaal, vertelde hij dat de kinderen dáár altijd een specialistische indicatie hadden gehad. En daarmee geld om hulptroepen in te roepen. Niet te geloven toch! Voordat wij de kinderen meekregen, was die indicatie er dus simpelweg afgehaald. Terwijl de situatie beslist niet sterk verbeterd was. Integendeel, de kinderen zaten nu ook nog met het verdriet over de dood van de pleegmoeder die vijf jaar voor hen gezorgd had."

Het klopte van geen kant. Want een kind in pleegzorg is niet per definitie een probleemkind, maar een kind van probleemouders. Veel kinderen kunnen prima worden opgevangen in een liefdevol pleeggezin, zonder kennis van ingewikkelde opvoedproblemen. Cor Strik: ,,Maar dat ligt anders voor kinderen met meerdere en complexe problemen, zoals die van ons. Voor hen is gewone pleegzorg ontoereikend. Om hun ontwikkeling zo optimaal mogelijk te stimuleren, heb je als pleegouder meer achtergrondkennis, meer expertise nodig. Dan is niet een pleeggezin, maar een gezinshuis met professionele begeleiders de aangewezen plek."

De strijd met Oosterpoort mondde uit in een officiële klacht. De Raad van Toezicht van de organisatie stelde hen in het gelijk en verweet de instelling 'ernstige nalatigheid in de zorgplicht en ernstig verzuim van de informatievoorziening'. Strik: ,,Toch zien wij Oosterpoort niet als hoofdverantwoordelijke. De fout zit in het systeem, dat jeugdzorg vooral als een kostenpost beschouwt, in plaats van als een maatschappelijke investering in de toekomst van kinderen. Een systeem ook dat pleegzorgorganisaties bezuinigingen door de strot duwt. Wat wij hebben meegemaakt, is daar een duidelijk gevolg van."

Hoe dan ook, Oosterpoort erkende dat het fout was gegaan, maar sprak daarbij van een incident. Cor Strik: ,,Een incident? Kom nou, daar geloofden wij geen bal van."

Hij kreeg gelijk. In het rapport staat te lezen dat het beslist geen incident is dat kinderen met een rugzakje worden geplaatst als 'gewone' pleegkinderen. ,,Veel gemeenten willen zwaardere indicaties afschalen naar de veel goedkopere zorg in een pleeggezin. Maar hierdoor worden de toch al complexe problemen van een bepaalde groep jongeren in de loop der jaren vaak groter. Gevolg: meerdere overplaatsingen, stress, een onmogelijke relationele ontwikkeling en uiteindelijk meer kosten", aldus het rapport.

En juist daarom vindt Cor Strik het ook zo erg dat 'wij de kinderen in de eerste periode niet de zorg hebben kunnen geven die ze nodig hadden'. ,,Omdat we simpelweg niet wisten wat er aan de hand was." Het stoort Strik ook dat pleegzorg op deze manier een slechte naam krijgt. ,,Er zijn hard mensen nodig die pleegkinderen willen opvangen. Dit soort ervaringen zijn beslist geen stimulans om eraan te beginnen."

De pleegvaders wilden na alle gedoe weg bij Oosterpoort. ,,De enige optie was een gezinshuis worden, waarin we met onze pleegkinderen konden blijven functioneren als een gezin. We hebben een opleiding gevolgd om meer professionele hulp te kunnen bieden. Dat doen we onder de vlag van Ondernemersgroep De Driestroom, die 117 gezinshuizen heeft."

Cor is daar inmiddels uitvoerend bestuurder voor Zuid-Nederland. ,,Dag en nacht zijn wij nu de vaste begeleiders voor onze kinderen. Dat is belangrijk, want alleen zó kunnen zij zich veilig voelen. Zeker als de hechting aan omgeving en begeleiders al vaker verstoord is geraakt, zoals ook hier het geval is. Eerst met de biologische ouders, daarna in opeenvolgende pleeggezinnen."

Cor en Frans zijn ondanks alles blij dat zij iets kunnen betekenen voor hun drietal. Ze hebben nooit ook maar één seconde overwogen die kinderen terug te geven. Ook al waren het dan andermans kinderen met veel grotere problemen dan waarop ze rekenden, dan waarvoor ze hadden getekend. Ja, hóe had dat ook gemoeten, teruggeven? Dat krijg je jezelf toch niet uitgelegd? Deze kinderen hadden al heel wat meegemaakt, zijn verschillende keren doorgeplaatst. Dat betekent elke keer een kras op de ziel, een scheur in het vermogen zich aan anderen te hechten. Dat moet je koste wat het kost zien te vermijden. En ook, wie zou ze anders alle drie in huis nemen? Ze uit elkaar laten halen; ze moesten er niet aan dénken. En trouwens als je die smoeltjes eenmaal gezien hebt, hun armpjes om je nek gevoeld; dan ben je hopeloos geraakt in je hart. Dan modder je gewoon maar door. Omdat die andermans kinderen inmiddels voelen als de jouwe.

Cor Strik: ,,We hebben ze in ons hart gesloten. Gelukkig merken we nu ook dat onze begeleiding het verschil maakt; dat we hen enorm vooruit helpen; dat ze zich mooi ontwikkelen. Maar als we alles van tevoren hadden geweten, waren we er niet aan begonnen. Denk ik. Misschien is het dan toch de voorzienigheid dat het liep zoals het liep."