‘Nooit nam ze de tram. Ik begon erover’

Aanslag Utrecht

Een halfjaar geleden verloor René Verschuur (55) uit Vianen zijn dochter, toen Gökmen Tanis in een tram in Utrecht het vuur opende op de inzittenden. Maandag gaat het proces tegen Tanis verder. Nu doet Verschuur zijn verhaal.
René Verschuur, vader van de 19-jarige Roos die overleed door de aanslag op een tram in Utrecht ©Koen Verheijden

,,Nooit nam ze de tram. Nooit. Als je vanuit Vianen naar Utrecht moet, pak je de bus. Maar die dag liep alles anders. Roos was geen ochtendmens. Maar juist die morgen was ze vrolijk. Ze had het vooruitzicht van een kleine vakantie, een bezoek aan familie in Groningen. We hebben lekker ontbeten en geintjes gemaakt. Ze pakte haar tas en ik heb haar op de bus gezet.

Even later ging mijn telefoon. Roos. Ze was haar spuit vergeten. Vanwege haar suikerziekte gebruikte ze insuline. ‘Stap maar uit bij de eerste halte, papa komt hem wel brengen.’ Toen ik daar aankwam, reed de volgende bus net voor onze neus weg. Roos raakte een beetje in paniek. Ze was bang dat ze de trein niet meer zou halen.

Aan de tram dacht ze niet. Uitgerekend ik begon erover. We waren vlakbij de eindhalte in Nieuwegein-Zuid. ‘Dan ben je tenminste nog op tijd.’ Had ik dat maar nooit gezegd. Ik voel me er verschrikkelijk schuldig over. Nu ben ik haar voor altijd kwijt.

Psst, vind je dit interessant?

Ontdek Topics nu 1 maand gratis en stel je eigen nieuwsoverzicht samen.

Lees 1 maand gratis

Al abonnee?

Log in en lees altijd gratis Topics.

Sorry dat ik zo moet janken. Ik lijk een grote kerel, maar ik ben van binnen heel klein. Praten over haar doet ontzettend pijn. Het afgelopen halfjaar was verschrikkelijk. Er waren genoeg dagen dat ik alleen maar onder de dekens heb gelegen. Ik kan nog steeds niet bevatten wat er op 18 maart is gebeurd.

Troost

Twee keer per dag ga ik bij Roos langs. Aan haar graf vertel ik haar hoe het met me gaat. Dat is van tevoren niet te voorspellen. Ik kan heel vrolijk van huis gaan en dan slaat het op de begraafplaats opeens om. Toch bieden die bezoekjes me ook troost. En een enkele keer kom ik zelfs vrolijk bij haar vandaan. Als ik de leuke dingen met haar doorneem. Hoe we bijvoorbeeld die fatale ochtend nog hebben zitten lachen.

Roos en ik waren net Jut en Jul. Het was gezellig bij ons in huis. Sinds de scheiding van mijn ex woonde ze bij mij. Roos was een leuke, Hollandse meid. Ze leek een beetje op mij. Nuchter, geen poespas. We waren heel close.

Talloze malen is het door mijn hoofd geschoten: ‘Laat haar die laatste seconden in elk geval geen angst hebben gehad.’ Ik hoopte dat ze dat onbezorgde tot het einde toe heeft vastgehouden. Daarom wilde ik weten wat zich in de tram heeft afgespeeld. Twee weken geleden heb ik de camerabeelden gezien. Ik ben de enige nabestaande die deze beelden heeft gezien. Roos hing een beetje onderuitgezakt op haar stoeltje. Ze was aan het bellen met haar werkgever van de snackbar in Vianen. Om 10.42 uur loopt die gek door het beeld. Ook al zag ik alleen z’n rug, je ziet toch dat hij op haar richt en schiet. Het ging razendsnel. Roos heeft hem niet eens gezien.

Die eerste kogel was haar eigenlijk al fataal. Al heeft hij haar daarna nóg eens onder vuur genomen. Hij is als een beest tekeergegaan. Hij heeft haar afgeslacht. Roos was kansloos. Ze had niets eens door dat er op haar werd geschoten. Ze dacht dat ze werd gestoken. Dat riep ze ook tegen haar werkgever. Het waren haar laatste woorden.

Praten over haar doet ontzettend pijn. Het afgelopen halfjaar was ver­schrik­ke­lijk

René Verschuur

Wachten

Haar werkgever belde mij meteen. Er was iets gebeurd. Hij kwam mij gelijk ophalen. Om 11.15 uur waren we al in het UMC in Utrecht. Wij waren er als eersten. Langzaam liep de zaal vol met familieleden. Elk uur kregen we een briefing, maar inhoudelijk hoorden we niets. Via de media kregen we inmiddels door dat er drie doden waren. De families van de gewonden werden één voor één opgeroepen. Terwijl de zaal langzaam leegliep, bleven wij wachten. Tot er slechts drie koppels over waren. Dan weet je eigenlijk al genoeg. Toen de politie en een dokter erbij kwamen, was het voorbij. Het moment dat ik hoorde dat ze dood is, zal ik m’n hele leven bij me moeten dragen.

Verslaggever Yelle Tieleman sprak vanmorgen in De Ochtend Show to go over het interview en de emotionele brief van René Verschuur. Lees verder onder de video:

Roos was een populair meisje. Bij de afscheidsdienst in de kerk in Vianen stond er tot buiten een rij. Honderden mensen kwamen afscheid nemen. Dat was heel indrukwekkend. Toch had ik het gevoel dat juist ik degene was die de mensen aan het troosten was. Heel onwerkelijk.

Na vijf weken kwam de klap. Tijdens een ritje op m’n scooter werd het opeens zwart voor mijn ogen. Een black-out. Ik viel, brak vijf ribben en kneusde mijn heup. Drie maanden heb ik in een revalidatiecentrum gezeten. Dat heeft me goed gedaan. Want hier in Vianen was het voor mij veel te druk. Ook al wilde ik het niet, Roos was opeens van iedereen. En dat is niet meer te veranderen. De aanslag is Roos en Roos is de aanslag. Dat zal altijd zo blijven.

Lees verder onder de foto

Roos ©Koen Verheijden

Het is belangrijk dat hij er is. Dat hij voelt wat hij met mijn dochter heeft gedaan

René Verschuur

‘Lafaard’

Ik wil weten wat die gek bewoog. De onzin die hij in die rechtszaal riep, dat interesseert me helemaal niets. Die zitting was voor hem slechts een podium om aandacht te vragen. Hij wilde de zaal bespelen. Godzijdank lukte het me om de regie over te nemen en hem iets toe te roepen. Ja, ik had dat van tevoren al bedacht. Ik wilde dat-ie me zou zien en horen. Dat is gelukt. Op het moment dat hij werd afgevoerd, wilde hij nog wat zeggen. Die kans heb ik ’m ontnomen. ‘Varken’ en ‘lafaard’ heb ik hem toegeroepen. Toen was het duidelijk dat ik de baas was. Hij mag, nee, moet dat voelen. Ik heb sowieso levenslang. Van hem moeten we dat maar afwachten.

Ik wil komende maandag niet tegen een lege stoel praten. Ik wil dat hij opnieuw in de rechtszaal is. Daarom heb ik de brief aan hem geschreven. Ik hoop dat hij hem onder ogen krijgt. En hem aandachtig leest. Hij heeft gezegd niet te willen komen, maar ik hoop dat hij zich bedenkt. Het is belangrijk dat hij er is. Dat hij voelt wat hij met mijn dochter heeft gedaan.

Dat gelul van hem over de islam, daar geloof ik helemaal niets van. Zijn actie heeft helemaal niets met het geloof te maken. Dit is de kansloze daad van een doorgedraaide gek. De ene keer is het een moslim, dan een linkse activist en dan weer een rechts-extremist. Je hebt nu eenmaal slechte mensen op de wereld.

Rouwen

Natuurlijk hoop ik dat hij bij zinnen komt. Dat hij beseft hoeveel levens er zijn verwoest met dat noodlottige, kansloze gedoe. Hij zorgt z’n hele leven al voor overlast. Hij stond bekend als een doorgesnoven gek. Ik denk dat hij ook die dag onder invloed was. Zoiets doe je niet als je nuchter bent.

Hij mag nooit meer vrijkomen. In elk geval niet zolang ik nog in leven ben. Stel dat hij geen levenslang krijgt, maar een lange celstraf met tbs, dan zit hij alsnog minimaal 45 jaar opgesloten. Tegen die tijd ben ik er toch niet meer. Ik hoop in elk geval dat de rechtszaak snel klaar is. Dan kan ik echt beginnen met rouwen.

Roos komt nooit meer terug en daar moet ik mee leren leven. Het is verdomd moeilijk. Maar ik ga het wel doen. Ik heb onlangs een leuke vrouw ontmoet. Aan haar heb ik ontzettend veel steun. Het geeft me kracht om door te gaan. Door met leven. Voor haar en voor mezelf. En vooral voor Roos. Want zolang ik er ben, is zij er ook nog.’’