Rechtsomkeert om aan die roman te beginnen

©-

'Het vervelende van overleden ouders is dat je niet meer op ze kan schelden. Sinds mijn vaders dood kan hij mij niet meer horen. Mijn drive voor scheldproza aan zijn adres is verdwenen.' Dit fragment, geschreven op 19 januari 2007, staat op pagina 192 van Niemand bleef. Dagboek van Meneer B. 2005-2011. Meneer B. is de schrijver Alfred Birney (1951). En het valt op als hij het over zijn vader heeft. Want die speelt een grote rol in De tolk van Java, waarmee Birney in 2017 de Libris Literatuurprijs won.

Birney, al lang meedraaiend in het literaire bedrijf, was tot die bekroning een schrijver in de marge. Dit egodocument, verschijnend in de reeks Privé-domein van De Arbeiderspers, gunt de lezer een blik op het leven van Alfred Birney. Op zijn schrijverschap, zijn (literatuur)opvattingen (Al weet je het met egodocumenten natuurlijk nooit, het is toch een soort autofictie). Maar de vader komt verder niet veel aan bod in het fraaie Niemand bleef. Tegen het einde van het boek staat nog: 'Intussen dient zich een duizelingwekkende roman aan, die ik op mijn twintigste al had willen schrijven.' En: '(...) de vaderfiguur, aan wie ik voor het laatst aandacht zal schenken in een roman waar ik aan moet gaan beginnen. Geen idee wanneer dat boek klaar zal zijn. Met de berg aantekeningen van mijn vader en fragmenten van eigen hand zou het een dikke pil kunnen worden.'

Die aantekeningen van zijn vader, dat moet diens autobiografie zijn die in De tolk van Java zo belangrijk is. Op de laatste bladzijde van Niemand bleef maakt de fietsende Birney rechtsomkeert 'om nu maar eens werkelijk aan die roman te beginnen, dat boek dat ik al op mijn twintigste voor ogen had'.

Psst, vind je dit interessant?

Ontdek Topics nu 1 maand gratis en stel je eigen nieuwsoverzicht samen.

Lees 1 maand gratis

Al abonnee?

Log in en lees altijd gratis Topics.

In de ruim 350 bladzijden daarvoor (waar Birney toch constant aan dat boek moet hebben lopen denken) hebben we kennis gemaakt met een worstelende solitair (titel!). Die geen relatie wil omdat hij alleen wil schrijven, maar wel continu naar vrouwen kijkt en ze begeert. Die problemen heeft met zijn gezondheid (hart), die zich bezighoudt met astrologie, de opvoeding van zijn zoon. Die prachtige miniatuurtjes schrijft over bijvoorbeeld de aardappelboer en oom Herman. Die zich weemoedig dingen herinnert (de herinnering is een belangrijk thema in zijn werk). Kijkend naar een stoeltje waarop hij ooit de liefde bedreef: 'Er zijn geen minnaressen meer die me regelmatig bezoeken.'

Die nog niet weet dat hij als schrijver beroemd zal worden.