Ouwehand en Klaver willen nu doorpakken: wet permanent vuurwerkverbod naar de Kamer

Ten Eerste

GroenLinks en de Partij voor de Dieren zetten hun poging door om het landelijk vuurwerkverbod permanent te maken. Zij dienen deze week hun wetsvoorstel in om alles behalve het kindervuurwerk te verbieden met ingang van de volgende jaarwisseling. Of ze daar een Kamermeerderheid achter krijgen, is zeer onzeker.

De partijleiders Jesse Klaver en Esther Ouwehand mikken al enkele jaren op een vuurwerkverbod voor consumenten, maar werden in 2020 en 2021 ingehaald door de omstandigheden: om de ziekenhuizen niet verder te belasten gedurende de coronacrisis kondigde het kabinet in beide jaren een vuurwerkverbod af. Maar wel uitdrukkelijk tijdelijk.

Klaver en Ouwehand willen het daar niet bij laten en hopen het momentum te benutten. Ze hebben nu hun wetsvoorstel af dat het verbod permanent maakt, zodat dat binnenkort in de Tweede Kamer kan worden behandeld. Daarmee borduren zij ook voort op het beleid van een toenemend aantal gemeenten die al voor de coronacrisis besloten tot een lokaal vuurwerkverbod.

Het was eerst de bedoeling van de twee partijen om het vuurwerk uit de zwaarste categorie (F3) te verbieden en in de categorie daaronder (F2) nog wat vuurwerk toe te staan. Maar op advies van de Raad van State maken ze er nu toch een verbod op ál het F3- en F2-vuurwerk van. De Raad waarschuwt dat het anders heel lastig handhaven is voor de politie. Als de partijen hun zin krijgen, mogen consumenten straks alleen nog het lichtste vuurwerk afsteken.

Klap op de vuurpijl

De partijen beroepen zich op de ervaringen van de afgelopen twee jaar. In de jaarwisseling van 2019-2020 meldden zich 1.300 mensen met vuurwerkletsel bij de eerste hulp. Het jaar daarop, toen een tijdelijk vuurwerkverbod gold, lag dat aantal 70 procent lager. Dit jaar werd er volgens de politie meer (illegaal) vuurwerk afgestoken dan vorig jaar, maar bleef het aantal slachtoffers nog altijd ver onder dat van 2020. De officiële telling moet nog komen.

'Laten we zorgen dat Oud en Nieuw weer voor iedereen een feestelijk moment wordt', aldus Klaver in een toelichting. 'Met een glas champagne om 12 uur, professionele vuurwerkshows en de beste wensen voor de mensen die we liefhebben. Maar zonder hulpverleners die aangevallen worden en eerstehulpposten die overstromen met vuurwerkslachtoffers.'

Ouwehand benadrukt dat de partijen niet alleen staan. 'Experts zoals oogartsen, milieuspecialisten, dierenwelzijnsorganisaties, brandweer, politie en justitie zijn ervan overtuigd dat het afsteken van vuurwerk op straat onverantwoord is. Ook een meerderheid van de Nederlanders wil van consumentenvuurwerk af. Als het ooit tijd was voor de klap op de vuurpijl is het nu.'

CDA verdeeld

Of zij hun zin krijgen is zeer onzeker. Behalve de twee partijen zelf, spraken ook de PvdA, de SGP, Denk, 50Plus en de ChristenUnie zich eerder uit voor een verbod. De rechterflank in de Kamer, onder aanvoering van VVD en PVV, is principieel tegen. De strijd zal worden beslist door D66, CDA en de SP, partijen die voor- en tegenstanders in de gelederen hebben. In het CDA bijvoorbeeld zijn burgemeesters als Hubert Bruls (Nijmegen) en oud-partijleider Sybrand Buma (Leeuwarden) voor een verbod, maar de Kamerfractie vooralsnog niet. Op een partijcongres stemden 606 CDA-leden vorig jaar voor een verbod, maar 631 CDA'ers stemden tegen.

D66 is voor een verbod op knalvuurwerk en vuurpijlen, maar vond een totaalverbod tot nu toe te ver gaan. De SP wil 'al het gevaarlijk vuurwerk' van de straat maar sluit niet uit dat sommige soorten siervuurwerk wel toegestaan blijven.