Onze reporter in de heropende Efteling: “Ik moet zelf mijn veiligheidsbeugel vastmaken. Maar wie zegt dat hier geen coronapatiënt op gehoest heeft?”

‘Shit, ik sta naast een rode lijn. Waar is die witte? Is die familie voor ons al doorgeschoven in de wachtrij? En waar staat de handgel?’ Een pretparkbezoek is anders dan het ooit was, maar daarom niet minder prettig. Onze reporter wipte de grens met Nederland over, voor de heropening van de Efteling. Waar het heerlijk rustig was, behalve in de rij voor het toilet.
Voldoende afstand houden van andere huishoudens is de basisregel in de Efteling. Ook in de attracties zelf. ©PHOTO NEWS/Pieter-Jan Vanstockstraeten

Woensdag ging de Efteling, het Nederlandse pretpark op twintig kilometer van de grens, na twee maanden sluiting weer open voor het grote publiek. Nu ja, groot is relatief. Voorlopig mogen er iets minder dan 5.000 mensen binnen, een derde van het normale aantal bezoekers. Zij moesten uren aanschuiven in een digitale wachtrij om hun plekje te reserveren.

Op de promenade van het park valt meteen een tafeltje met handgel en een rol papier in het oog. Her en der staan ook instructieborden die vragen om minstens anderhalve meter afstand te houden van andere huishoudens. Aan Symbolica, het fantasiepaleis dat drie jaar geleden werd geopend, staat buiten de voorziene wachtruimte een rij van honderd meter. Zelfs voor de duurste attractie van het park is deze wachtrij ongezien. Geen verrassing, want in de wachtrijen moet ieder huishouden voldoende afstand van elkaar houden, waardoor rijen meteen een pak langer lijken. Aan het begin van de rij ratelt een medewerker een riedeltje af. “In onze wachtrij hebben we belijning aangebracht. Een witte lijn wil zeggen dat u daar samen met uw huishouden mag staan. Een rode wil zeggen dat u daar niet mag staan. Wanneer u aan de attractie bent, zal u een plaatsje toegewezen krijgen. Ondanks alle beperkingen wens ik u een fijne rit in deze attractie.”

Langsheen de wachtrij is er aan beide kanten effectief witte en rode tape op de grond gekleefd – het ene stukje al rechter dan het andere. De afstand tussen twee gezinnen is ruim gemeten. Zelfs ongeduldige, lichtjes opgewonden koters die met de rode tape flirten, kunnen nooit dichter dan twee of drie meter van andere wachtenden komen. In een gesloten kamer halfweg de wachtrij worden we verwelkomd door een lakei. In die ruimte passen in normale omstandigheden 120 mensen. Nu staan we er met zes huishoudens of zo’n twintig mensen. Ook op de attractie zelf is de capaciteit beperkt tot één huishouden per karretje. Drie koppels die anders één wagentje vullen, moeten nu in drie verschillende zitten. Bovendien wordt er maar één karretje per keer gevuld, waardoor er ook regelmatig lege vertrekken. Het voordeel is wel dat we samen met twee lege wagens op audiëntie mogen bij koning Pardulfus, waardoor we in alle rust kunnen genieten van de betoverend mooie koningszaal.

Psst, vind je dit interessant?

Ontdek Topics nu 1 maand gratis en stel je eigen nieuwsoverzicht samen.

Lees 1 maand gratis

Al abonnee?

Log in en lees altijd gratis Topics.

Aanschuiven voor een attractie is niet meer hetzelfde. Waar er witte lijnen kleven mag je met je familie staan. Tussen de rode lijnen niet. ©PHOTO NEWS/Pieter-Jan Vanstockstraeten

Ook de medewerker die ons laat instappen vindt het prima. “Op het einde van de dag zal ik minder hoofdpijn hebben”, lacht hij, voor hij vraagt om de veiligheidsbeugel tot tegen onze schoot te trekken. Terwijl we dat doen, beseffen we dat we niet de eerste zijn die deze stang vandaag vastnemen. Niemand heeft het karretje ontsmet voor we instapten. Verderop in de attractie mogen we op een touchscreen zelf kiezen welke kant we uitgaan. We duwen met onze wijsvinger op plekken waar in het slechtste geval tien minuten geleden een coronapatiënt op gehoest heeft. De Efteling garandeert dat oppervlaktes regelmatig worden ontsmet, maar dat gebeurt niet aan de lopende band. Dus zit er tijdens zo’n ritje niets anders op dan niet aan ons gezicht te wrijven – wij willen Marc Van Ranst echt niet op ons dak krijgen. Terug uit de attractie voelen we het aan iedere neusvleugel kriebelen, maar verlossing is er niet meteen. Aan de uitgang staat geen pompje handgel. Daarvoor moeten we even rondkijken en twintig meter verder wandelen.

Rij per rij uitstappen

Voor de rollercoaster Baron 1898 is het een uur aanschuiven. Iedereen laten instappen duurt maar liefst vier minuten. Per gezin mogen we in de attractie, waarna een medewerker vanop enkele meter afstand met een gordel in zijn handen demonstreert hoe we onszelf moeten beveiligen in het karretje dat binnen een minuut met een snelheid van 90 kilometer per uur 40 meter loodrecht naar beneden dondert.

Geen schrik: bij twijfel kan het personeel ook vanop een afstand met een hulpmiddel voelen of alles goed is vastgemaakt. Eenmaal de rit eropzit, mogen we ook niet allemaal tegelijk uitstappen. Wel rij per rij, om te vermijden dat bezoekers te dicht bij elkaar komen. De eerste uren van de dag laten al die maatregelen zich voelen in de wachtrijen, maar in de namiddag is het nergens langer dan een halfuur aanschuiven. De paar duizend bezoekers hebben zich over het hele park verspreid en kunnen bijna overal lopen waar ze willen. Slechts op enkele plekken is er eenrichtingsverkeer. Als je dat zelf niet door hebt, maakt een Eftelingmedewerker er je ongetwijfeld attent op, want die zijn massaal aanwezig.

“Financieel wordt dit het slechtste jaar in de 68-jarige ge­schie­de­nis van de Efteling. Niet alleen omdat we twee maanden dicht waren, maar ook omdat er nu meer personeel werkt voor minder bezoekers”

Efteling-directeur Fons Jurgens

“Er zijn vandaag een aanzienlijk aantal extra personeelsleden aan de slag als anders”, zegt directeur Fons Jurgens (50). “Op onze eerste proefdagen werkten we hier met dubbel zoveel mensen. Toen stonden er aan elk desinfectiepunt twee personen, maar we hadden al snel door dat dat eigenlijk niet hoefde.” Jurgens is gelukkig, zegt hij. “Sedert 2010 is ons park onafgebroken open, dus toen we in maart moesten beslissen om de Efteling te sluiten, heb ik daar een hele nacht niet van geslapen. Na enkele mindere nachten hebben we ons vooral gefocust op hoe we opnieuw zouden kunnen openen en welke maatregelen daar nodig voor waren.”

Financieel is deze coronacrisis een ferme klap. “Dit wordt het slechtste jaar in de 68-jarige geschiedenis van de Efteling. Niet alleen omdat we twee maanden dicht waren, maar ook omdat we slechts een derde van het normale aantal bezoekers kunnen ontvangen terwijl er meer personeel werkt. Daarom gaan we in de zomer wellicht met extra avondopeningen werken en twee shiften van bezoekers toelaten.” De eerste groep bezoekers zou tot 18 uur in het park mogen, waarna om 19 uur een nieuwe stroom toekomt die tot 23 uur mag blijven. Voor de ruim drieduizend personeelsleden kan Jurgens zijn hand niet in het vuur steken. “We zorgen heel goed voor elkaar, dus het is de bedoeling dat hier binnen een jaar nog net zo veel mensen werken. Maar de toekomst is onzeker.”

De meeste mensen houden zich keurig aan de regels. Een vrouw trekt zelfs snel haar dochter in de graskant, wanneer we hen kruisen. “Even wachten, schat”, horen we. “Maar er zijn altijd mensen die niet willen luisteren”, vertelt een medewerkster die zichzelf een anderhalvemetervrouw noemt. “Dan vraag ik om niet op de rode lijn te gaan staan en doen ze het toch. Ik vraag het vriendelijk, maar daarna laat ik hen doen. Ik wil geen blauw oog oplopen. (lacht)”

Half gevulde wagentjes in de fameuze Python. Maar daarom niet minder pret. ©PHOTO NEWS/Pieter-Jan Vanstockstraeten

De restaurants die open zijn, zien er helemaal anders uit. Op de kaart staan enkel gerechten die in een meeneembakje passen. Nadat je je eten besteld hebt, moet je in een wachtvak gaan staan. Nadat je afgerekend hebt, moet je naar buiten. De terrassen zijn gelukkig wel open, dus kunnen we onze doos pasta met een plastic vorkje naar binnen werken aan een tafeltje dat net voor ons volledig gereinigd is. Allemaal prima, zolang je hier niet met kinderen bent. Want in het restaurant mogen maar drie huishoudens tegelijk binnen. Dus als je buiten komt en een van je pagadders plots beseft dat frieten zonder mayonaise helemaal niet cool zijn, moet je geduldig aanschuiven om binnen te mogen en is je eigen eten gegarandeerd koud wanneer je met een potje mayonaise buitenkomt. Nog een tegenvaller voor wie met kinderen op schok is: de toiletten. Daar mag maar één familie per keer binnen, met ellendig lange wachtrijen tot gevolg. Op de openingsdag zien we echter al hoe er mobiele toiletten geïnstalleerd worden, dus wanneer u de grens weer over mag, zal u bepaalde spieren niet ongezond lang hoeven dicht te knijpen.

Nadarhekken in het Sprookjesbos

In het Sprookjesbos wordt de magie af en toe onderbroken door een grauw nadarhekken of een weinig subtiele streep zwarte kleefband die een geplastificeerd A4’tje met daarop het woord ‘ingang’ boven de deur van een paddenstoel moet houden. In het hele park vinden we ook maar één fraaie handgelverdeler in Efteling-stijl. Voor de rest is het een mikmak van tafeltjes met allerlei soorten zeepflessen. Ook de duizenden pijlen op de grond zijn de ene keer meticuleus met witte plakband aangebracht, de andere keer schots en scheef met zwart-geel gestreepte tape. 

De coronamaatregelen mogen gerust nog een sprookjesjasje krijgen, maar voor het overige valt er op ons bezoek weinig aan te merken. Het is heerlijk om in relatieve rust het park te verkennen, zonder ellendig lange wachtrijen of hoofdbrekend gejengel. “Ik hoor dat jullie, Belgen, misschien half juni al mogen komen. Klopt dat?” vraagt directeur Jurgens. “Ik zie Belgen heel graag, dus ik hoop dat het snel mogelijk is. Wat mij betreft zijn jullie allemaal welkom.”

Lees ook: REPORTAGE. Zo ziet een bezoekje aan Pairi Daiza er vanaf maandag uit: overal handgel en op tijd doorschuiven bij de panda’s (+)