Levensverhaal. Stefanie stierf zes weken nadat ze mama werd: “Ik ga slapen schat. Lovejoe”

Ze was nog in de roes van de geboorte. Baby Lucia, zes weken oud, gelukzalig aan haar borst. Even uitblazen nog en dan zou Stefanie (33) verder timmeren aan haar al zwaar bevochten weg. Van eenvoudig verkoopstertje tot salesmanager. Van tiener met een moeilijke start tot blije echtgenote en (plus)mama. Ze was ambitieus, klaar om nog lang, succesvol en gelukkig verder te leven. En toen kreeg ze, zomaar, een trombose.
Het Levensverhaal van Stefanie Dequirez uit Izegem ©RV

Ze had Lorenzo een sms'je gestuurd. Een hartje. Zoals elke avond. "Ik ga slapen. Lovejoe." Hij zat in Brussel voor een beveiligingsopdracht tijdens de NAVO-top. Ze miste hem keihard, elke keer als hij voor een week van huis was. Ze keek zoals elke keer uit naar zijn thuiskomst. Dan was het weer feest. Zouden ze hun weerzien weer vieren, hun zotte liefde. Maar, in afwachting: nooit ging ze slapen zonder dat hartje. Ook die avond niet. De baby was stilletjes ingedommeld, tijd ook voor haar om slaap in te halen. Haar lichaam nog best zwaar en moe van zwanger zijn en leven geven. Ze knipte het licht uit.

Een paar uur later kreeg Lorenzo een telefoontje. Niet van Stefanie, maar van mémé. Dat hij dringend naar huis moest komen, Stefanie was niet goed geworden.

Door de snijdende hoofdpijn was ze niet meer kunnen opstaan, maar ze had op de muur gebonkt en in de kamer ernaast was Liano wakker geworden. De jongen van 10 had - zeer koelbloedig - zijn mama's hand genomen om haar gsm te unlocken met haar vingerafdruk en het eerste bekende nummer gebeld dat hij zag staan. Mémé hoorde baby Lucia wenen op de achtergrond.

Psst, vind je dit interessant?

Ontdek Topics nu 1 maand gratis en stel je eigen nieuwsoverzicht samen.

Lees 1 maand gratis

Al abonnee?

Log in en lees altijd gratis Topics.

Stefanie was al met de brandweerladder uit de slaapkamer op de bovenverdieping geëvacueerd en naar het regionale ziekenhuis gebracht, toen Lorenzo thuis kwam aangestormd. Hij mocht meteen doorrijden naar het UZ in Gent, er was gespecialiseerde hulp nodig. Vier lange uren, die Lorenzo op de gang zat, is er geopereerd in een poging de druk in Stefanies hoofd te doen afnemen. Vijf lange dagen heeft ze nog in coma gelegen. Dagen dat Lorenzo tegen haar sprak, baby Lucia op haar borst legde, dat hij een dekentje met haar babygeur bij mama legde, opdat zij haar kind misschien zou ruiken en zou reageren. Andersom legde hij thuis een gedragen T-shirt van Stefanie in het wiegje. Hij maakte een videodagboek voor zijn allerliefste. Voor als ze zou ontwaken, dat hij kon tonen wat ze had gemist.

Stefanie ontwaakte niet. Het ging erg bergaf. Na vijf dagen was het tijd om te verzamelen: Luan (12), Liano (10) en Oriana (6), hun andere ouder en een kinderpsychologe erbij. Enkele vrienden. Eén voor één namen ze afscheid. Lorenzo bleef als laatste achter bij Stefanie. Baby Lucia op zijn arm was heel rustig. Het ging niet zoals in de film, zei hij achteraf. Geen keurig vlakke lijn, wel tien keer een hartmonitor die schijnbaar stilviel en weer op gang schoot. Het ergste uur uit zijn leven, het laatste van het hare.

Hij praatte nog steeds tegen haar, zachtjes, toen de dokter al zei: "Meneer, uw vrouw is zonet overleden."

Vanaf nu werd alles anders. Alleen de liefde, die bleef.

Lorenzo. Het was liefde op het eerste gezicht geweest. Op het schermpje van zijn smartphone. Hij was al zeven jaar gescheiden van de mama van Luan. Hij zat wat doelloos te swipen, toen daar plots een hartje oppopte. Van een stralende glimlach met een bos krullen errond. Stefanie. Wow. Precies wat ook zij dacht, boven háár schermpje. Wow. Een knappe vent in een uniform. Volgde een maand van berichtjes en filmpjes en nog meer hartjes. De invasie van de knetterende vlinders. Ze was zo zenuwachtig geweest, toen ze wel drie keer de deurklink pakte en weer losliet om hem binnen te laten, eindelijk, bij hun eerste live ontmoeting. Ze zag er nochtans prachtig uit, zag ze in zijn ogen. Drie maanden later woonden ze samen. Lorenzo was in het gips beland na een zware blessure door het voetbal. "Wat zit je nou te sukkelen. Kom", zei ze, "ik zorg voor jou." Typisch Stefanie. Haar allereerste eigenschap: verzorgen. Hij is nooit meer weggegaan.

Zélf huwelijksaanzoek gedaan

Zij moest hem maar weten thuis komen na het werk en begon van slag te strálen. Hij moest maar vijf minuten in haar gezelschap zijn en was goed gezind. Een vrolijk koppel voorbestemden.

Twee jaar later trouwden ze. Het aanzoek - met kaarsjes, een muziekje en een vuurrood kaartje met hartjes - deed ze zélf. Doortastende Stefanie. Ze was lief, maar wist ook wat ze wilde, ze ging niet nog méér hints geven, want ze wist al vanaf dag één dat hij óók wou. Dus. Ja, toch? Er was geen enkele twijfel, geen enkele schrik. Ook niet na de relatie die ze allebei eerder hadden zien stuklopen. Met de exen was er nog een prima contact, de vrouwen werden zelfs vriendinnen. Het kwam de kinderen maar ten goede.

Stefanie en Lorenzo kochten een groter huis, want een nieuw samengesteld gezin neemt plaats in. Ook letterlijk. Stefanie verzorgde en koesterde Luan als was het haar eigen kind, zoals ze Lorenzo had beloofd. Hij deed het ook heel goed met Liano en Oriana. 'Niet verbonden door DNA, maar verbonden door de liefde', postte ze op Lorenzo's Facebook. En toen gingen ze ook sámen voor een baby. Alles paste. Lorenzo wist al van toen hij nog een tiener was, dat zíjn dochter ooit Lucia moest heten. Wist hij toen veel dat de vrouw van zijn leven Spaanse roots zou hebben.

Stefanies en Lorenzo's trouwdag, met hem als de knappe vent in (militair) uniform waarvoor zij gevallen was. ©RV

'Lorenzo, kom mee-os'

Haar voorvaderen waren Spaans. Haar uiterlijk en haar temperament. Maar gekende familie was er niet meer en op de jaarlijkse vakantie naar de costas werkte Stefanie alleen maar op de lachspieren als ze probeerde te doen of ze Spaans kon. "Lorenzo, snel-os, kom mee-os, naar de playa met de niños." In de voetbalkantine noemden ze haar 'Carmenneke'. Een mondige madam met Spaans bloed én een vent die beroepsmilitair was, het was een binnenkopper.

Ze was zo grappig. Ze was lief. Lorenzo vond na haar overlijden nog lieve briefjes terug die zij verstopte tussen zijn werkmateriaal. Ze was mooi. Ze vulde direct de zaal als je er ergens mee binnenkwam. En ze wilde goed doen. Ruimhartig zijn. Iedereen welkom heten. Daar handelde ze ook naar. Dan dook ze, al shoppend met haar man of haar vriendinnen, plots een supermarkt binnen en kwam buiten met een zak voedingswaren. Om aan de dakloze te geven die alleen zij had gezien, op zijn stuk karton, waar haar gezelschap achteloos voorbij was gelopen. Stefanie zag de pijnplekken in de maatschappij, overal en van ver. Ze was er hypergevoelig voor. Ze gaf elke bedelaar een cent. En ze maakte vaak een praatje met die mensen. Kon haar niet schelen hoe sjofel die erbij liepen. Of zij erop aangekeken werd door omstaanders of niet. Zij keek hen in de ogen, van mens tot mens. Wat vaak zichtbaar plezier deed. De sprankel van haar lach schonk instant geluk. Daarmee kon ze iederéén binnen de paar minuten openbreken. Hardop. Desnoods tandeloos.

De roos

Thuis deed ze er alles aan opdat de kinderen zich gekoesterd en gewild zouden voelen. Stefanie verwende hen soms té. Ze zag in ieder kind zijn talent. Slimme Oriana zou wel advocate worden. Dappere Liano soldaat of agent. En Luan, die zoveel wist, werd vast encyclopedieschrijver. Voor Lucia, lieve baby, had ze al alles gedaan nog voor ze geboren was. Trouw op zwangerschapsyoga. De babykamer pico bello. Ze zong liedjes tegen haar buik, uren aan een stuk.

Het huis stond vol kaarsen, kindertekeningen en fotokaders. Het zat ook altijd vol vrienden. Stefanie was niet gelukkiger dan wanneer ze voor hen feestjes kon geven, met al hún kinderen er nog eens bij. Ze waren haar 'framily' zei ze - samentrekking van friends en family. Haar zelfgekozen familie.

Het koppel met hun pluskinderen: Luan (12) van Lorenzo en Stefanies zoon Liano (10) en dochtertje Oriana (6). ©RV

Ze had geen gemakkelijke jeugd gehad. Lorenzo kreeg haar verhaal soms nog met horten en stoten te horen. Maar ze wilde er niet in detail over praten, en al zeker niet in het openbaar. Stefanie wás ook geen klager. Een doener, dat was ze. Ze werkte zich uit de naad om er op eigen kracht te geraken. Dat lukte. Ze werkte als jobstudentje in het weekend al in een frituur om zelf centen te verdienen. Op haar achttiende stond ze op eigen benen. Ze was erin geslaagd haar middelbare school af te maken, in de meisjesschool in Kortijk - niet altijd met topscores, maar ze volbracht toch de studierichting handel. Ze was slim genoeg om naar de unief te gaan, maar dat was geen optie. Ze wilde thuis weg. Ze wilde een eigen, stabiel leven opbouwen, dus ze ging uit werken om financieel onafhankelijk te zijn. Zij klom op. Met een verbetenheid en een doorzettingsvermogen, sterker dan dat van een Keniaanse marathonloper. Eerst als verkoopster in een kledingzaak. Maar met de jaren in telkens nieuwe jobs, met meer verantwoordelijkheid en meer mensen onder zich. Zo was ze jaren departementsmanager bij Mediamarkt en nu was ze salesmanager in opleiding bij Sodastream, van de siropen-frisdranken. Hoe ver had ik kunnen komen, als ik langer had kunnen studeren? Dat vroeg ze zich wel eens af. Maar het kwam allemaal goed met haar. Toch? Ze was als een roos, zei een goede vriend van haar, die zomaar was gegroeid uit een voeg tussen de straatstenen. Dan relativeerde ze. Kom, kom. Niet overdrijven. Trouwens, ze was nog niet klaar. Ze zou hoger, beter, verder gaan in haar job. Wél altijd de combinatie met het gezin voorrang gevend.

Een verjaardag van de zo belangrijke 'framily' (friends and family): dat verdiende een warme foto van Stefanie en kroost. ©RV

Compostella

Want kinderen waren alles. Háár kinderen waren gelukzakjes. Maar ze voelde zoveel mededogen met kansarme kinderen. Er waren er nog steeds te veel, kinderen in moeilijke situaties die het hard nodig hadden te worden geholpen. Die geen aanmoediging kregen, geen aandacht, geen steun, geen eten soms. Uit gezinnen die het met weinig centen moesten doen, die kampten met alcoholisme, geweld, werkloosheid. Dat brak haar hart. Ze wilde dat zij het béter zouden hebben.

Stefanie zou wenen van blijdschap, als ze zou weten wat haar man en de 'framily' nu ineen aan het steken zijn. Het vergde enkele weken, om op te veren. Maar de energie die Stefanie tekende, die tekent ook Lorenzo nu. Twee maten waren al meteen nadat ze in coma ging op het idee gekomen naar Santiago de Compostella te fietsen, om geld in te zamelen voor Stefanie, voor haar revalidatie. Nadat ze stierf, besloot Lorenzo: we gaan er tóch mee door. En ik fiets mee. Niet meer voor Stefanie, helaas, maar voor de kansarme kinderen om wie ze zoveel gaf. Ze stichtten de vzw ride4stefanie. Eind augustus vertrekken ze. De opbrengst gaat naar belangenvereniging BiJeVa.

Stefanie zou, als het toch maar kon, ook zien hoe Lorenzo het bereddert, met één baby nu in dat grote huis. Plus één week op twee zijn zoon erbij en tóch nog één dag per week Stefanies twee oudsten, die ook hun zusje nog willen zien. Hoe een nieuw samengesteld gezin een fragiele puzzel is die - zonder welwillendheid van exen - uit elkaar valt met één ontbrekend stuk, het is hier overduidelijk. Ze zou zien hoe hartverscheurend maar ook hoe ontroerend, haar lieve man bezig is hun dochter te pamperen, te sussen met flesjes en tutjes en muziekspeeltjes en lichtjes en met druppeltjes op de tut tegen buikkrampjes. De grote beroepsmilitair boven dat piepkleine mensje. Ze zou lachen, ook zij, als ze hoorde hoe hij tegen zijn onthutste vriend die op bezoek komt - een struise paracommando - een beetje bedremmeld zegt:

- "Ik lijk wel een vrouw, hé?"

- "Ja, begot."

En ze zou zo fier zijn, zegt die vriend. Lorenzo weet dat het waar is. Baby Lucia nu op de borst van papa. Zijn videodagboek blijft hij filmen. Lucia zal wéten wat voor een fantastische mama ze had.

Wie de fietstocht van Lorenzo en vrienden naar Compostella wil steunen, kan dat met een bijdrage op rekeningnummer BE27 7390 1695 3173. Meer info op ride4stefanie.be en op de facebookpagina.

Stefanie Dequirez (33) uit Izegem: ° 26 augustus 1985 - † 24 oktober 2018