Hoe Woodstock een iconisch festival werd, ook voor wie er niet bij was

 Dansen, door de modder glijden of samen trommelen, liefst poedelnaakt. Beelden van bezoekers hebben in grote mate bijgedragen aan de iconische status van Woodstock. Vijftig jaar na dato geldt het Amerikaanse festival als geboortegrond van de festivalcultuur.
Uit de documentaire ‘Woodstock’ (1970). ©Everett Collection / Hollandse Hoogte

 Voor de kwartjestelefoon vormen zich lange rijen. Wie gaan al deze jonge, langharige concertgangers bellen? Hun moeder, om te zeggen dat alles goed gaat. Ook dat was Woodstock, leren we in de Oscarwinnende documentaire ‘Woodstock’ (1970), die op 18 augustus in ruim honderd Nederlandse bioscopen is te zien. Eenmalig, om te vieren dat het vijftig jaar geleden is dat dit roemruchte popfestival plaatsvond op een boereveld bij Bethel in de staat New York.

De film laat optredens zien van veel van de artiesten die van 15 tot en met 18 augustus 1969 op Woodstock optraden. De cameraploeg zat ze lekker dicht op de huid: we zien hoe het zweet zich ophoopt in een kuiltje van de borstkas van The Who-zanger Roger Daltrey, en hoe de voet van Richie Havens ritmisch mee tikt met zijn liedjes. Backstage grapt de zes maanden zwangere Joan Baez als het festivalterrein al uit zijn voegen barst: “Wanneer ben ik aan de beurt? O, slotact, mooi, dan hoef ik niet voor dit kleine publiek op te treden.”

Uiteindelijk zijn het vooral de beelden van de festivalgangers die de unieke sfeer van Woodstock onderstrepen. Beelden van zichzelf in trance dansende jongeren, van een stelletje dat wegsluipt voor een herdersuurtje en van festivalgangers die in opperste concentratie een yogales volgen.

Psst, vind je dit interessant?

Ontdek Topics nu 1 maand gratis en stel je eigen nieuwsoverzicht samen.

Lees 1 maand gratis

Al abonnee?

Log in en lees altijd gratis Topics.

Wie er niet bij was

Jimi Hendrix in de documentaire ‘Woodstock’ (1970). ©TRFOTO

Woodstock heeft een halve eeuw later nog ­altijd mythische proporties. Ook voor wie er niet bij was, vertelde Baez eerder dit jaar tijdens een gesprek met Trouw. “In de loop der jaren zijn er zoveel mensen naar me toe gekomen die zeiden: ‘Ik was op weg naar Woodstock, maar kon er niet komen door de verkeersdrukte’. En ze klonken net zo opgewonden alsof ze er wel bij waren geweest.” Baez lacht nog smakelijk om. Zelf herinnert ze zich het festival als een evenement met fenomenale sfeer en muziek. “Je weet op het moment zelf nooit of een gebeurtenis historisch is, maar we voelden wel dat het buitengewoon was. En dat gevoel zou eeuwig duren.”

Zijn historische status dankt Woodstock ironisch genoeg deels aan het feit dat het festival volledig uit de hand liep. Woodstock zou eigenlijk drie dagen duren. Dat werden er vier, doordat het programma enorm uitliep. En omdat het kinderlijk eenvoudig bleek om over de hekken te klimmen, waren op het festivalterrein uiteindelijk niet de verwachte 200.000 bezoekers, maar ruim twee keer zoveel. Het resultaat: een ongekende logistieke puinhoop. De faciliteiten waren niet op die toestroom berekend, waardoor er zelfs voedseldroppings moesten worden uitgevoerd om de festivalgangers van eten te voorzien.

Juist die chaos heeft bijgedragen aan de ­magie van Woodstock, want hoewel het festival uit zijn voegen barstte, viel er nauwelijks een wanklank op te tekenen. De hippies die naar Woodstock waren gekomen, hielpen elkaar waar ze konden. Tijdens het festival werden er weliswaar enkele schoten gelost, maar die waren afkomstig van boeren uit de omgeving die genoeg hadden van de herrie. Zo groeide Woodstock uit tot het symbool van de hippiecultuur en een voorbeeld van een vreedzame wereld.

Per helikopter ingevlogen

De documentaire over Woodstock, die een jaar later uitkwam, vergrootte de roem. Door de enorme toeloop en de verkeersopstoppingen moesten artiesten per helikopter worden ingevlogen. In de begroting was niet voorzien in al die extra uitgaven, waardoor de organisatie met een miljoenenverlies achterbleef. Zo ontstond het plan om de kosten terug te verdienen met een film over het festival, vertelt Arris Roordink, docent popmuziekgeschiedenis aan het ArtEZ Conservatorium in Enschede. “Er bleek een camerateam te hebben rondgelopen en die beelden konden ze gebruiken. Zonder die film, die veel mensen hebben gezien, was Woodstock niet uitgegroeid tot een icoon. Als je mensen nu vraagt naar ­hippies, dan is Woodstock waarschijnlijk een van de eerste dingen die ze noemen.”

Ook zangeres Ricky Koole (46) associeert Woodstock met de hippiecultuur. “De festivalgangers vormden de eerste generatie die tijd voor zichzelf kon nemen. Voordien moesten mensen gewoon aan het werk, trouwen, kinderen krijgen. Veel van de mensen die naar Woodstock kwamen, durfden wat meer rond te kijken, ze namen hun vrijheid, bevochten die. Het was het begin van wat nu misschien wat is doorgeslagen: het voor jezelf denken en je eigen pad uitstippelen. In die periode is ook de jeugdige muziek ontstaan. Inmiddels zijn er bejaarden die nooit naar klassieke muziek zijn gaan luisteren, die altijd bij de popmuziek zijn gebleven.”

Uit de documentaire ‘Woodstock’ (1970). ©Everett Collection / Hollandse Hoogte

Toch was Woodstock volgens Roordink niet het hoogtepunt van de hippiecultuur – dat was het driedaagse Monterey International Pop Music Festival twee jaar eerder, in de Summer of Love, 1967. Met artiesten als Simon and Garfunkel, Jimi Hendrix, The Who en Ravi Shankar. “Iedereen die van popmuziek hield, realiseerde zich toen: oké, we zijn met best wel veel en we kunnen culturele impact hebben. Poptempel Paradiso in Amsterdam ging in 1967 open, de musical ‘Hair’ ging datzelfde jaar in première. Eigenlijk was Woodstock het begin van het einde, het moment dat de hippiecultuur doorbrak naar de massacultuur.”

Gezellig met z’n allen

Woodstock stimuleerde vooral de festivalcultuur, vindt Roordink. “Festivals waren een ­relatief nieuw ding, na Woodstock krijg je er heel veel. Het festivalgevoel werd populair, dat zie je ook in de film: het gaat vooral om mensen die door de modder glijden, poedelnaakt over het terrein lopen en met z’n allen trommelen. Dat zijn heel gezellige tafereeltjes, die sfeer sprak mensen aan. Het gevoel van saamhorigheid: we zijn gezellig met z’n allen en je zorgt voor elkaar. Zo vormde Woodstock ons beeld van wat een popfestival moet zijn. Ook nu gaan veel mensen naar festivals voor een gezellig weekend met drank, drugs en seks.”

Uit de documentaire ‘Woodstock’ (1970). ©Everett Collection / Hollandse Hoogte

Ook Lowlands-festivaldirecteur Eric van Eerdenburg ziet Woodstock als de plek waar festivalcultuur ontstond. “Dit willen wij ook, deze muziek willen we naar Nederland halen; dat idee is toen ontstaan. Woodstock is in het diepst van mijn hart nog steeds mijn inspiratie: neem naast de popmuziek ook je maatschappelijke verantwoordelijkheid. Niet voor niets besteden we op Lowlands ook aandacht aan maatschappelijke onderwerpen.”

Legendarische optredens

Ook de muziek van Woodstock is onsterfelijk gebleken. Artiesten als Jimi Hendrix, Janis Joplin, Joe Cocker, Santana, Joan Baez en Crosby, Stills & Nash waren toen al beroemd, maar zijn inmiddels legendarische popiconen, die ook nu nog jonge muzikanten inspireren.

Twintiger Pablo van de Poel, gitarist van de Nederlandse formatie DeWolff groeide op met de platen en Woodstock-beelden van Jimi Hendrix. “Mede door hem heb ik gitaar leren spelen. Met Kerstmis kreeg ik als kind een keer een cd van Hendrix. Die heb ik helemaal grijs gedraaid en van voor naar achter uitgezocht. Ik werd gegrepen door zijn energie en het feit dat zijn muziek echt uit hem als persoon komt. Ook hoorde ik in zijn muziek dingen die ik nog niet kende, zoals invloeden van blues. Vanaf dat moment ben ik alle muziek uit die periode gaan onderzoeken. Hendrix was de poort naar alles wat mij heeft geïnspireerd.”

Tijdens twee jubileumconcerten waagt Van de Poel zich nu aan het oeuvre van Hendrix: “Ik zal zijn nummers op een heel eigen manier spelen, door ze naar mezelf toe te trekken. En misschien speel ik het Wilhelmus, zoals Hendrix ‘The Star-Spangled Banner’, het Amerikaanse volkslied, op Woodstock speelde.” Ook zangeres Ricky Koole vertolkt op deze twee avonden songs van een Woodstock-heldin: Janis Joplin. “Ik doe haar niet na, maar ik ga wel voor dezelfde energie. Ruig en rauw.”

Lees ook:

De Summer of Love trapte een halve eeuw geleden af op het Monterey festival

Vandaag is het een halve eeuw geleden dat de festivalcultuur werd geboren. In een Californisch vissersdorp vond het Monterey Pop Festival plaats, als soundtrack van de Summer of Love.

Joan Baez: ‘Ik was op mijn krachtigst als ik zingen kon combineren met activisme’

Joan Baez (78) trad in februari 2019 voor het laatst op in Nederland. De Amerikaanse zangeres stopt met toeren. ‘Mijn stem gaat achteruit, ik hoor het en ik voel het.’