Hoe oosterse tradities je helpen voorkomen dat je huis een bende wordt

Michel Dijkstra, gespecialiseerd in oosterse filosofie en westerse mystiek. ©Bram Petraeus
Wat is de relatie tussen onze spullen en onze identiteit? Vertelt ons bezit wie we zijn? In de Japanse zentraditie staat juist leegte centraal, zegt oosterse filosofie-expert Michel Dijkstra. ‘Zodra iets je bewegingsruimte beperkt, gooi het dan weg.’

Een opgeruimd huis geeft een opgeruimd hoofd. Maar opruimen kan lastig en confronterend zijn, en dingen weggooien al helemaal. De coronacrisis houdt ons thuis en daar worden we genadeloos geconfronteerd met al onze spullen.  

De Japanse opruimgoeroe Marie Kondo toonde in haar populaire tv-shows al aan hoe onze verzamelwoede ongenoegen met zich mee kan brengen. Kondo’s voorkeur voor orde en netheid hangt samen met haar Japanse shinto-religie. De Aziatische tradities kunnen inderdaad een goede inspiratiebron zijn voor een schoon en opgeruimd huis, zegt Michel Dijkstra, kenner van oosterse filosofie. Op 8 maart geeft hij een lezing bij Studium Generale Groningen, over de samenhang van onze spullen met onze geest. Dijkstra benadert de ‘kunst van het opruimen’ vanuit het Japanse zenboeddhisme en het Chinese taoïsme. 

Waarom vinden we spullen weggooien vaak zo moeilijk?

Psst, vind je dit interessant?

Ontdek Topics nu 1 maand gratis en stel je eigen nieuwsoverzicht samen.

Lees 1 maand gratis

Al abonnee?

Log in en lees altijd gratis Topics.

“Omdat het pijn doet. We zijn gehecht aan onze spullen. Als we iets moeten weggooien, gooien we een stukje van onszelf weg. In reality-programma’s als die van Marie Kondo neemt die pijn soms groteske vormen aan. De mensen daar verstoppen zich in een soort grot van spullen. Dat geeft ze een gevoel van bescherming en veiligheid waar ze geen afstand van willen nemen.”

Waarom lenen juist de oosterse stromingen zich als gids voor het opruimen?

“In het Oosten kennen ze een ononderbroken traditie van leegmaken. Dat geeft een krachtig en vruchtbaar discours dat het Oosten overstijgt en dat je hier ook kunt toepassen. Als wij, westerlingen, naar een kamer kijken, dan denken wij: wat moet erin? Waar zet ik de bank? Waar komt de stoel, waar hang ik het schilderij? Wij vullen de leegte in. Terwijl in de Japanse inrichtingskunst de leegte een onlosmakelijk element is in het interieur. In Japan zetten ze de objecten rondom de leegte, en ze kijken wat de leegte met de objecten in een kamer doet.”

En wat doet dat? 

“Het gaat om inrichten met aandacht. Door ruimte te maken, door niet alles te overladen, zien we juist beter wat er wél is. Ik ben in de dertiende-eeuwse tempel van zenmeester Dogen geweest. Daar is over ieder hoekje nagedacht. Als je dat voor elkaar kan krijgen, en je komt zo’n ruimte binnen, dan heb je ook meteen het gevoel van ‘ja, hier sta ik in een kamer die ook echt de uitdrukking is van de persoon die hem heeft ingericht’.”

Waar vinden we die nadruk op leegte terug in het oosterse denken?

“Het zenboeddhisme, dat populair is in Japan, kent veel invloeden van het taoïsme, een van oorsprong antiek-Chinese filosofie. De taoïsten geven een mooi beeld van de mens en zijn ruimtelijke oriëntatie. Dat gaat over onze hart-geest: de zetel van zowel denken als voelen. Oorspronkelijk is de hart-geest open en leeg. Die leegte geeft de potentie om andere mensen en dingen in vrijheid binnen te laten en ons ertoe te verhouden. Maar als we te veel spullen hebben, raakt ons hart vol met ‘lianen’. Je raakt verstrikt door je spullen. En je kunt je niet meer op een gezonde manier verbinden met je omgeving. Want zodra jij in de greep van de dingen bent, word je als het ware ook een object. Je wordt een ding onder die dingen, en je bent dus ook je vrijheid kwijt.”

Niet dat alle Japanse huizen spic en span zijn, overigens. “Er zijn genoeg Japanse woonkamers waarin de leegte behoorlijk overwoekerd is door allerlei troep. In die zin zijn Japanners net Europeanen. Zo’n volgepropt huis kan net als bij ons een obstakel vormen om anderen binnen te laten. Maar het utopische zenbeeld helpt wellicht om meer orde te creëren.”

Heeft het ook u geïnspireerd om de leegte centraal te stellen in uw woonkamer?

“Persoonlijk faal ik compleet in het handhaven van een zennige inrichting. We hebben drie jonge kinderen, dus de woonkamer ligt voortdurend vol speelgoed. Zodra je verzonken in filosofische gedachten een stap wilt zetten, is de kans groot dat je wordt gevloerd. Dat is een oefening in nuchterheid. Zen en het taoïsme helpen mij wel om het opruimen als onafgebroken exercitie te zien, als doel op zich. Maar natuurlijk is het ook leuk als je weer van de ene naar de andere kant van de kamer kan lopen.”

Hoe voorkomen we dat we verstrikt raken in onze spullen? 

“Door je te onthechten van je spullen. Niet dat de kunst van het opruimen gaat over dat je maar alles weggooit. Het gaat er vooral om dat je jezelf niet inmetselt. Maar als jij jouw huis helemaal leeghaalt, ben je ook niet blij. Dan ben je veel te ver gegaan in je onthechting. Ik zou vanuit zen en tao zeggen: zodra je merkt dat iets in de weg zit, gooi je het weg. Die grens voel je aan als je je niet meer vrij kunt bewegen. Dat kan letterlijk zijn: ik kan geen stap meer zetten in mijn woonkamer. Maar dat kan net zo goed in je geest zijn: ik kan mij niet meer verbinden met anderen of met mijzelf, vanwege alles wat ik koste wat kost wil vasthouden.

“Dat kan overigens ook het gevoel van status zijn bij een mooie auto of een duur bankstel. De hechting daaraan is, vrees ik, een illusie. De oosterse richtingen kunnen helpen om door die valse gehechtheden heen te prikken. Dat kan pijnlijk zijn. Maar misschien, nu we met corona er minder op uit trekken om spullen te kopen, is het een uitgelezen moment om te kijken: wat wil ik bewaren en wat weggooien?”

Mogen we dan helemaal geen dure bankstellen meer bezitten?

“Het mooie van de taoïsten is: het zijn asceten noch hedonisten. Het gaat in die filosofie voor een groot deel om ‘zwerven’. Dat is een soort bestaan waar je je niet aan één plaats ophangt, waar je niet vast blijft zitten aan je gehechtheden, maar in beweging blijft. En daardoor ook steeds het nieuwe kunt ontdekken. Als je dus op je bankstel kunt klimmen, over de wereld uitkijken en zeggen: goh, wat is het mooi allemaal, hoe goed kan ik mij daarmee verbinden – wat voor probleem zou er dan in zitten om zo’n bankstel te hebben?”

Lees ook:

Ja echt, er kan nog veel meer weg, bewijst opruimexpert Marie Kondo

In haar eigen tv-show helpt Marie Kondo families hun zooi op te ruimen. Doe weg wat geen plezier meer geeft, is haar motto. En dat blijkt heel wat: de kringloopwinkels kunnen het amper aan.

Cadeautje

Verras je familie of vrienden met hun eigen persoonlijke nieuwssite, gebaseerd op een selectie van hun favoriete onderwerpen. Bekijk hier een voorbeeld van de uitnodiging.