Het coronavirus wakkert nationalisme in Europese landen aan

Europese landen sluiten hun grenzen in de strijd tegen corona. Maar vergt die niet vooral een gemeenschappelijke aanpak?
Afsluiting bij de Pools-Duitse grens. ©DANIEL ROSENTHAL

Gewapende soldaten patrouilleren aan de grens tussen Denemarken en Duitsland waar altijd vrij gereisd kon worden. Afgelopen weekend werden de grenzen gesloten in Denemarken, Polen, Tsjechië, Slowakije, Estland en Litouwen. Ook de zuidelijke grenzen van Duitsland gingen dicht. ‘Het coronavirus zou het einde van Europa’s grenzenloze droom kunnen worden’, kopte de The New York Times eind februari al.

Dat is rijkelijk voorbarig. Niet alleen omdat niemand weet hoe lang de crisis gaat duren, maar ook omdat het akkoord van Schengen voorziet in de mogelijkheid om de grenzen tijdelijk te sluiten in noodsituaties. Toch is duidelijk dat het virus spanningen in Europa veroorzaakt, waardoor landen geneigd zijn bescherming te zoeken achter hun eigen grenzen.

Vrijdag nog zei Ursula von der Leyen, voorzitter van de Europese Commissie, dat reisverboden niet als ‘het meest effectief’ worden gezien door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Als een virus eenmaal binnenslands wijdverbreid is, doen gesloten grenzen er weinig meer toe. Geld en mankracht kunnen beter elders worden ingezet. ‘Bovendien hebben reisverboden een grote sociale en economische impact, ze verstoren het leven van mensen en bedrijven over de grenzen heen’, aldus Von der Leyen. Ze drong erop aan dat het vrachtverkeer aan de grens wel wordt doorgelaten, zodat de bevoorrading van medisch materiaal en andere cruciale goederen niet in gevaar komt.

Psst, vind je dit interessant?

Ontdek Topics nu 1 maand gratis en stel je eigen nieuwsoverzicht samen.

Lees 1 maand gratis

Al abonnee?

Log in en lees altijd gratis Topics.

De Europese maatregelen tegen het coronavirus. ©de Volkskrant

Nog diezelfde avond besloten Denemarken, Polen en Tsjechië de grenzen te sluiten. Eerder wilden Frankrijk en Duitsland geen mondkapjes en ander medisch materiaal naar Italië exporteren, uit vrees dat ze later zelf met tekorten zouden worden geconfronteerd. Inmiddels hebben ze hun opstelling veranderd.

Nu al wordt bezorgd gekeken naar de nasleep van de coronacrisis. Wat zal gebeuren als Italië, derde economie van de eurozone, in een diepe economische crisis terechtkomt? Dreigt een nieuwe confrontatie tussen Noord- en Zuid-Europa? In het tv-programma Buitenhof pleitte minister Hoekstra van Financiën voor een flexibele opstelling tegenover landen die door het virus in moeilijkheden zijn geraakt. Maar niemand weet hoe de strijd straks gevoerd zal worden.

Het coronavirus laat zien hoe globalisering de wereld niet alleen rijker, maar ook kwetsbaar heeft gemaakt. In een mum van tijd verspreidt een ziekte zich van China naar Noord-Italiaanse dorpjes. De verleiding is groot om nationale grenzen weer te zien als een vorm van bescherming tegen een onveilige wereld. ‘Het coronavirus is een cadeau voor nationalisten en protectionisten’, schrijft de Britse econoom Philippe Legrain in het tijdschrift Foreign Policy. ‘Het versterkt de gedachte dat buitenlanders een bedreiging vormen. Het bevestigt de opvatting dat landen in een crisis niet altijd kunnen rekenen op hun buren en bondgenoten.’

Er is ook een andere kant. Het virus laat zien dat er een Europese publieke ruimte is ontstaan waarin burgers zich scherp bewust zijn van maatregelen in andere landen. De grote verschillen wekten bevreemding. Waarom waren de restaurants en cafés in België gesloten en in Nederland niet? Zaterdag zat het in Zeeuwse Sluis vol met Belgen, zondag ging ook Nederland op slot.

Daarom vraagt de crisis juist om een Europese reactie, schreef een groot aantal, vooral Zuid-Europese prominenten afgelopen weekend in een verklaring. ‘Wij Europese burgers zijn bezorgd en bang over deze dreiging; en zelfs nog meer door de kakofonie, het egoïsme en de zelfvernietigende kortzichtigheid van de verschillende, ongecoördineerde nationale reacties; door het gebrek aan vooruitzien van onze nationale leiders die net doen alsof ze niet weten dat onze onderlinge afhankelijkheid een gemeenschappelijk Europees antwoord vereist, met strenge maatregelen om de pandemie in te dammen en een EU-breed plan om de economie weer op gang te helpen’, aldus onder anderen de voormalige Italiaanse premiers Prodi en Letta.

Er is een goede reden voor het uitblijven van zo’n gezamenlijk Europees antwoord. Zorg behoort niet tot de Europese bevoegdheden. De Europese Unie kan slechts coördineren, informeren en een deel van haar relatief beperkte budget besteden aan het bestrijden van de crisis. Dat gebeurt ook. Zo houden de ministers van zorg dagelijks een videoconferentie en is er 37 miljard euro vrijgemaakt voor het opvangen van de economische gevolgen van de crisis.

Op een typisch Europese manier strompelt Europa in de richting van meer coördinatie: uiteindelijk zullen vrijwel alle lidstaten dezelfde ingrijpende maatregelen nemen. In al zijn blindheid lijkt het virus de Europese landen aan elkaar te binden. Ze zitten allemaal in hetzelfde schuitje, nu niemand meer de illusie heeft dat hij de dans zal ontspringen. De gang van zaken is rommelig, maar zou het beter zijn als zorg een Europese bevoegdheid zou worden? Als de EU vanuit Brussel alle Europeanen zou kunnen opdragen thuis te blijven, zou terstond worden geklaagd over een Europese superstaat.

Hoezeer deskundigen ook beweren dat een virus niet gestopt kan worden aan de landsgrens, de coronacrisis dreigt het nationalisme wel degelijk te versterken. Voor politici als Baudet en Le Pen staat de weigering om de grenzen te sluiten symbool voor een weigering de eigen bevolking te beschermen en voor de almacht van economische belangen boven die van ‘gewone mensen’. Zo is het coronavirus opnieuw een uitdaging voor de open samenleving.