Geeft Trump er straks opeens de brui aan?

©Trouw

Het was Donald Trump zoals je hem niet vaak zag. De president kwam ‘s nachts terug van zijn campagne-bijeenkomst in Tulsa, Oklahoma, en had het helemaal gehad. Hij wist dat er camera’s zouden zijn als hij bij het Witte Huis uit zijn helicopter stapte, maar het kon hem niet schelen. Zijn das hing ongeknoopt om zijn nek, hij hield zijn rode Make America Great pet verfrommeld in zijn hand, een duim omhoog ging nog net, maar een glimlach zat er niet meer in.

Het was het soort avond dat iemand met een normale baan denkt: moet ik dit nou wel blijven doen?

Voor presidenten ligt dat moeilijker. Die dienen doorgaans hun vier jaar uit, tenzij ze doodgaan of, zoals Richard Nixon, door het Congres tot aftreden gedwongen worden.

Psst, vind je dit interessant?

Ontdek Topics nu 1 maand gratis en stel je eigen nieuwsoverzicht samen.

Lees 1 maand gratis

Al abonnee?

Log in en lees altijd gratis Topics.

Maar bijtekenen voor nog eens vier jaar is niet vanzelfsprekend. Lyndon Johnson zag in 1968 de electorale bui hangen en bedankte bij voorbaat voor de Democratische nominatie. Zal er bij Donald Trump de komende weken of maanden ook iets knakken?

Dat zou best kunnen, zeiden enkele anonieme ingewijden uit het Republikeinse partij-apparaat tegen een verslaggever van Fox News, de doorgaans zeer Trump-vriendelijke nieuwszender. Ze beschrijven Trump als iemand in een ‘fragiele stemming’.

En ook de Democratische veteraan James Carville, die Bill Clinton naar de overwinning leidde, voorspelt dat Trump binnenkort gewoon opgeeft.

Schandaal Russische geheime dienst

Voor een normaal mens zouden er redenen te over zijn. Donald Trump is duidelijk niet opgewassen tegen de taken van het presidentschap. In het deze week hoog opgelopen schandaal rond de premies die de Russische geheime dienst uitloofde voor het doden van Amerikaanse militairen in Afghanistan bleek hoe schadelijk zijn nukken en gewoonten zijn. Hij leest zijn stukken niet. En volgens sommige berichten geven zijn medewerkers hem liever geen informatie waarover hij eigenlijk boos zou moeten worden op Vladimir Poetin.

Trump staat, president of niet, bij een aantal belangrijke onderwerpen ook buitenspel, of roeit tegen de stroom van de publieke opinie in.

De bestrijding van de coronapandemie heeft hij grotendeels overgelaten aan de gouverneurs van de staten. Voor zover de federale overheid daar een inbreng in heeft, is dat het leveren van medische hulpmiddelen en virologische en epidemiologische expertise, maar Trumps experts weigeren zijn eigen rooskleurige schilderingen van de situatie te bevestigen.

Bij de landelijke bewustwording van de discriminatie van Afro-Amerikanen, die in een stroomversnelling is gekomen nadat in Minneapolis een witte agent de zwarte George Floyd liet stikken, heeft de president ook nauwelijks een rol opgeëist. Steden overal in de VS zinnen op hervorming van de manier waarop de politie werkt, en verlagen de budgetten van de korpsen. Trump werpt zich ondertussen op als verdediger van standbeelden van racisten.

Die spanning tussen wat je taak is en wat je in de praktijk tot stand brengt, zou menig gewoon mens tot wanhoop drijven. Zo niet Donald Trump. Die is van jongs af aan al een meester in het afschilderen van mislukkingen als grote successen.

Peilingen

Maar de peilingen, dat is een ander verhaal. Volgens het laatste gemiddelde van RealClearPolitics staat Trump bijna 9 procent achter op Joe Biden. Ondanks die achterstand kan hij het presidentschap weer in de wacht slepen, net als in 2016 tegen Hillary Clinton, als hij in een flink aantal sleutelstaten wint, desnoods met klein verschil. Maar ook in die staten, zoals Pennsylvania en Wisconsin, staat hij op verlies.

Dat maakt dat Trump moet vrezen voor meer dan verlies in november: een electorale afgang. De grote vraag van de komende maanden is: zal hij dat ook beseffen? En als hij het beseft, welke conclusie trekt hij daaruit?

Dat hij heel goed zou kunnen verliezen is absoluut tot Trump aan het doordringen, vertellen mensen uit zijn omgeving aan de media. Naar buiten toe doet hij de slechte peilingen nog steeds af als nepnieuws, maar intern ziet hij in hoe slecht hij ervoor staat.

Maar wat hij daaraan denkt te doen, is onduidelijk. Zoals ze al drieëenhalf jaar doen, pleiten zijn medewerkers voor een rationele aanpak. Nog steeds vertrouwen bijvoorbeeld meer kiezers op Trump dan op Biden als het gaat om het weer gezond maken van de economie. Dus praat en twitter vooral daarover, is hun advies. Maar nauwelijks heeft Trump met dat idee ingestemd, of hij stuurt via Twitter alweer een filmpje door dat hij heeft gezien omdat er aanhangers van hem op staan, zonder in de gaten te hebben dat daarop iemand ‘White power’ roept. Dat had hij niet gehoord, bezweert zijn woordvoerster bij hoog en bij laag, maar niet iedereen gelooft dat.

Op die manier komt het niet goed, en ergens tussen nu en november kan er een moment komen dat niemand meer, zelfs Trump niet, in zijn overwinning gelooft. En wat dan?

Er zijn maar een paar mogelijkheden. De meest waarschijnlijke is dat de speculaties onterecht zijn en Trump gewoon doorzet. Hij is nu eenmaal een vechter en een egotripper, schrijft commentator Scott Martelle van de Los Angeles Times. “De schijnwerpers zijn voor hem zuurstof.” Na zijn verlies kan hij altijd zeggen dat er op grote schaal stemfraude is gepleegd, of dat hij gewonnen zou hebben als de media niet zo tegen hem hadden samengespannen. We zullen daarover nog lang van hem horen.

Opgeven voor de verkiezingen

De tweede mogelijkheid is dat hij het inderdaad voor de verkiezingen al opgeeft, omdat hij niet wil meemaken dat hij daadwerkelijk verliest. Hij zou ook dan kunnen volhouden dat meedoen aan de verkiezingen geen zin heeft als die niet eerlijk verlopen, of hij zou een gezondheidsprobleem kunnen aanvoeren.

Dat besluit zal hij dan vermoedelijk nemen tegen de zin van de Republikeinse partij. Hoeveel electorale schade zijn huidige impopulariteit ook aanricht – de tot voor kort veilig geachte Republikeinse meerderheid in de Senaat staat op de tocht – dat valt in het niet bij de schade die zijn plotselinge vertrek zou aanrichten. De trouwe aanhang van Trump zal een eventuele vervanger lang niet zo enthousiast verwelkomen. En kiezers die zich in 2016 van Trump en de Republikeinen hebben afgekeerd, zullen echt niet vergeten zijn dat de partij drieëenhalf jaar lang pal achter Trump stond.

Er is natuurlijk nog een derde mogelijkheid. Trump zou met opgeheven hoofd de verkiezingen in kunnen gaan, vechten tot het uiterste, daarna sportief Joe Biden feliciteren en teruggaan naar zijn golf- en hotelbusiness.

Maar om een of andere reden wordt in de speculaties en analyses in de Amerikaanse media over november die mogelijkheid nooit serieus genoemd. Wel door Trump zelf, in een interview vorige maand met Fox News. “Als ik niet win, dan win ik niet. Ik bedoel, tja, dan ga ik andere dingen doen. Maar het zou heel droevig zijn voor ons land.”

Trouw-correspondent Bas den Hond (standplaats Boston) schrijft wekelijks een column over de Amerikaanse politiek. Lees ze hier terug.