'Eddy sleepte me er doorheen'

RANDJE BUITENSPEL - De eendagsvlieg

De ene week laat Sjoerd Mossou zijn gedachten los op een actuele foto, in de andere week blikt Dennis van Bergen met een international terug op diens eerste en tevens enige duel voor het Nederlands elftal. Met vandaag: Marcel Peeper.
Marcel Peeper met het shirt waarin hij slechts achttien minuten mocht spelen. Inzet: het 'Haasje' van de debutant. ©No publication without written permission from the photographer

Marcel Peeper (54) ziet zichzelf soms nóg liggen op dat ijskoude veld in Kiev. Dan hoort hij hoe de banden van de ambulance zich in de grasmat planten. En voelt hij weer zijn been, dat zo'n beetje letterlijk doormidden is geschopt. ,,En ik kan me niet herinneren dat de gozer die ervoor gezorgd heeft ooit zijn excuses heeft aangeboden", zegt de geboren Amsterdammer nu, 29 jaar na dato. ,,Maar ach, wat had ik ook met die excuses gemoeten. Het had mijn situatie niet veranderd."

Gorloekovitsj. De naam klinkt als een model stoomlocomotief uit het Sovjet-tijdperk. Of als een moeilijk Russisch bietensoep-gerecht. Hoe anders is de werkelijkheid. Sergei Vadimovitsj Gorloekovitsj is de voetballer die ervoor heeft gezorgd dat Peeper sinds de bewuste doodschop op 28 maart 1990 nooit meer zijn topniveau haalde. ,,Hét hoogtepunt uit mijn carrière, spelen voor het Nederlands elftal, was meteen ook mijn dieptepunt", zo stelt de toenmalige FC Twente-speler het treffend.

In deze rubriek zijn al de nodige anekdotes van eenmalig internationals voorbij gekomen. Hilarische, zoals van Heini Otto, die dankzij een lift aan keeper Jan Jongbloed eenmaal het Oranje-shirt aan mocht. En ontroerende, zoals van Addy Brouwers, die zijn eigen naam niet meer wist toen hij zich voorstelde aan bondscoach George Knobel. Het verhaal van Peeper, die tijdens het duel met de Sovjet-Unie precies achttien minuten kon genieten van zijn uitverkiezing, zou je ronduit tragisch kunnen noemen. En niet alleen omdat zijn loopbaan er na de doodschop van Gorloekovitsj wel zo'n beetje opzat, zijn acceptabele optredens in de shirts van onder meer Sparta, Lokeren en FC Groningen ten spijt.

Psst, vind je dit interessant?

Ontdek Topics nu 1 maand gratis en stel je eigen nieuwsoverzicht samen.

Lees 1 maand gratis

Al abonnee?

Log in en lees altijd gratis Topics.

Nee, de kuit- en scheenbeenbreuk van Peeper markeerde een toch al droevig jaar 1990 voor de langharige linksbuiten van toen. Kort voor de interland in Kiev kwam zijn vriendin om bij een auto-ongeluk. Niet lang daarna overkwam zijn voetbalvriend Tom Krommendijk hetzelfde.

Met die gebeurtenissen in het hoofd begon Peeper aan zijn revalidatie, die uiteindelijk tweeënhalf jaar in beslag zou nemen. ,,Liep ik daar over de sintelbaan van het Diekman (het toenmalige stadion van FC Twente, red.). Uren, dagen achtereen, helemaal in mijn eentje. Hopend dat ik ooit weer de voetballer zou worden, die even daarvoor nog in de belangstelling stond van PSV, Juventus, Celtic en Atlético Madrid. Dat is heel moeilijk, kan ik je verzekeren, na alles wat me net was overkomen in mijn privéleven. Gelukkig liep Eddy Acherberg in die tijd rond in Enschede. 'Hou vol, jongen. Het komt goed', riep hij altijd. Wereldvent, Eddy. Hij heeft me er doorheen gesleept."

Net als zijn eigen relativeringsvermogen. Hoe dramatisch zijn blessure in sportief opzicht ook was, Peeper heeft er altijd de betrekkelijkheid van in kunnen zien. ,,Mijn vriendin en Tom, die beiden midden in het leven stonden, zijn er niet meer. Dát is erg. Moet ik dan zeuren omdat mijn been niet meer precies deed wat ik wilde?"

Vandaar dat Peeper, die appartementen verhuurt in Amsterdam, nog altijd de zonnige kant van het leven omarmt. Bijvoorbeeld wanneer zijn oog valt op het Oranje-shirt met rugnummer 11 dat hem, ondanks alles, enorm dierbaar is. ,,Dan denk ik: ik heb het toch maar mooi geflikt, uitkomen voor het Nederlands elftal. Dat wil toch elke jongen die begint met voetballen?"

©No publication without written permission from the photographer