Hoe journalist Loes ‘verliefd’ werd op een seriemoordenaar: ‘Ik wilde dat verhaal’

Het verhaal van Loes Leeman en Hans van Zon begint in de zomer van 1965. Toen Loes nog geen journalist was, en Hans nog niet bekend stond als een van Nederlands beruchtste seriemoordenaars. Ze grinnikt. ,,’t Kan verkeren, hè.”

Loes Leeman heeft het koud gehad, vorig jaar zomer, tijdens de hittegolf. Maar alleen als ze schreef. Dan waren haar vingers koud, en haar neus, en liepen er rillingen over haar rug. Terwijl buiten de mussen van het dak vielen, moest Loes tegen de verwarming aan zitten met haar laptop op schoot. ,,Dat heb ik dus altijd hè, als ik het over Hans heb”, zegt ze zacht aan een tafeltje in café ’t Oude Pierement. ,,Nu ook.” Ze laat haar hand voelen. “Zie je? IJskoud.” Ja. IJskoud.

Hans woonde samen met zijn vriendin op een bovenetage aan de Leidseweg. Loes was 13 en woonde om de hoek met haar ouders, bij de Rijksmunt. Ze zag Hans vaak in de straat of bij haar moeder in de bibliotheek. Hij was 24; ‘echt een oude man’ in haar ogen. ,,Jochies van mijn leeftijd kleedden zich in die tijd als de Beatles. Nee, dan Hans. De haren strak naar achter, een net pak aan, een stropdas zelfs. En dan die ogen, felblauw, altijd een sigaret tussen zijn lippen, en dan stond-ie zo zelfverzekerd naast een van zijn vele glimmende auto’s.”

©Nationaal Archief

Kalverliefde

Hij vroeg of ik spannende lingerie droeg, of ik weleens mas­tur­beer­de

Loes

Hij was belezen, wist veel, maar zodra hij praatte, verried hij zijn afkomst. ,,Hij slikte de ‘t’ in. Een echte Utregter.” Loes glimlacht. Neemt een slok van haar koffie. ,,Ja. Ik was verliefd op hem. Een echte kalverliefde. Ik zag altijd groen van jaloezie als hij met zijn vriendin door het park Oog in Al wandelde, of de autodeur voor haar open hield. Zo galant.”|

Als Hans Loes tegenkwam, maakten ze een praatje. Of nou ja, een praatje: ,,Hij vroeg of ik spannende lingerie droeg, of ik weleens masturbeerde…” Of ze daarvan schrok? ,,Ik keek nergens van op. Vergeet niet dat we toen in de flowerpowertijd leefden hè, de seksuele revolutie was gaande. We werden eigenlijk juist grenzelozer met z’n allen en ik vond het allemaal wel best.”

Psst, vind je dit interessant?

Ontdek Topics nu 1 maand gratis en stel je eigen nieuwsoverzicht samen.

Lees 1 maand gratis

Al abonnee?

Log in en lees altijd gratis Topics.

500 gram wijst de weegschaal, waarop de loden pijp ligt, waarmee Hans van Zon de 67-jarige mevrouw H.J. Woortmeijer-Nickel had geslagen. ©ANP

Ze verdwenen uit elkaars beeld toen Loes een vriendje kreeg en het huis uitging. In de weekenden kwam ze thuis, en zo kwam het een keer dat haar moeder het Utrechts Nieuwsblad voor Loes’ neus op de keukentafel legde. Hans van Zon, haar stille jeugdliefde, was Hans van Z. geworden: ‘Na de roofoverval op een weduwe in de Haverstraat heeft verdachte Hans van Z. in drie dagen tijd drie moorden en één poging daartoe bekend en mogelijk heeft hij nog veel meer misdaden op zijn geweten.’

,,Ik schrok me kapot. Hoe kon ik dat nooit hebben gezien?! Had ik ook gevaar gelopen?” Hij zou onder anderen zijn vriendin Coby in 1967 hebben gedrogeerd, haar hersenen hebben ingeslagen met een loden pijp en haar daarna nog met een mes hebben bewerkt. ‘Het was een probeersel’, zei hij er later over. Hij wilde weten hoe het voelde, moorden om te moorden.”

Opa Cupido

Loes Leeman in ’t Oude Pierement, waar Hans van Z. een roofmoord beraamde. ,,Gek hè. Gewoon een gezellig, echt Utrechts café, waar mensen bij elkaar komen om een biertje te doen.” ©!

Ook werd hij verdacht van de moord op Jan Donse, de 80-jarige eigenaar van feestwarenwinkel Cupido. Loes: ,,Dat vond ik zo erg. We kwamen weleens in die zaak, om stinkbommen en jeukpoeder te kopen. Opa Cupido was een lieve man.”

Hij zou de moord op ‘opa Cupido’ hebben beraamd als een overval, samen met zijn vriend ‘Ouwe Nol’, een bekende Utrechtse bejaarde crimineel. Ouwe Nol wist waar de man zijn centen bewaarde. Dat bespraken Ouwe Nol en Hans van Zon in wijk C, in café ’t Pierement (toen nog zonder toevoeging van ‘oude’).

Loes kijkt om zich heen, haar hond Pikkie zit naast haar. Die neemt ze, als het even kan, overal mee naartoe. Achter de bar staat de serveerster iets af te drogen, bij de gokautomaat in de hoek kletsen twee mannen met elkaar. Het is rustig. Gemoedelijk. ,,Gek hè. Gewoon een gezellig, echt Utrechts café, waar mensen bij elkaar komen om een biertje te doen. En dan werden er zulke zieke ideeën bedacht door een crimineel en een moordenaar.”

Levenslang

De feestartikelenwinkel aan de Laan van Nieuw-Guinea in de Domstad, waar de 80-jarige J.J.A. Donse door Hans van Zon was neergeslagen en aan zijn verwondingen is overleden. ©ANP

In 1969 startte wat de Nederlandse media ‘het moordproces van de eeuw’ noemden. ,,Ik denk dat het toen al begon”, zegt Loes. ,,Mijn obsessieve nieuwsgierigheid. Ik wilde in Hans z’n ziel kijken. Waarom onschuldige mensen vermoorden? Had hij spijt? Dat vond ik het belangrijkste: of hij spijt had.”

Een jaar nadat het proces begon, kreeg Hans zijn straf te horen. Hij werd veroordeeld voor twee moorden, een roofmoord en een poging tot roofmoord en moest levenslang de cel in. In die jaren hoorde Loes weinig over hem, af en toe een berichtje in de krant en dat was het. In 1986 werd hij vrijgelaten: hij had voor de tweede keer gratie aangevraagd, die keer met succes. Loes studeerde op dat moment aan de School voor de Journalistiek in Utrecht. Ze schreef hem dat ze hem wilde interviewen. Hans hield af, Loes hield vol. Ze kreeg contact met Riet, de maatschappelijk werker die Hans ontmoette toen hij vastzat en met wie Hans achter de tralies was getrouwd. ,,Riet moest me eerst leren kennen. Dat was een idee van Hans, het was een soort door hem bedachte lakmoesproef.”

‘Een moordenaarsblik’

Ineens leek het een héél slecht plan om dit te doen. Zou hij me gaan vermoorden?

Loes Leeman
Hans van Z. in vrijheid, nadat hem gratie was verleend. ©Loes Leeman

Loes doorstond die proeve. Na een paar maanden ging haar telefoon. Een zware bromstem zei: ‘Met Hans van Zon.’ Loes vertelde wie ze was en wat ze wilde. Vanaf dat moment belde hij vaker, vooral ’s nachts, en die nachtelijke gesprekken werden steeds intiemer. ,,Het draaide vaak uit op erotiek”, zegt Loes. Dan vroeg hij wat ze aan had. En dan zei hij waar hij zin in had. Of ze dat erg vond? Ze haalt haar schouders op. ,,Ik dacht: wat moet dat moet. Ik wilde dat verhaal.”

Op een gegeven moment wilde hij haar zien. Ze spraken af op een parkeerterrein bij Loppersum, het Groningse dorp waar Hans en Riet woonden. Angst? Was er misschien. Maar vooral: nieuwsgierigheid. ,,Ik verwachtte iemand die rechtstreeks uit een maffiafilm was gelopen. Maar ik zag een manke, dikke man, pafferig dik, die veel ouder leek dan zijn 48 jaar. Zijn haar hing in vettige, blonde slierten langs zijn gezicht. Ik voelde niets dan afkeer.”

Ze reden een stukje, hij legde zijn hand op haar been (wéér die afkeer), ze dronken wat in het dorpscafé. ,,Het was gek, maar prima”, vertelt Loes nu. ,,Tot dat moment dat we weer in de auto zaten. Hij zei alleen maar ‘linksaf, rechtsaf’ en ik rook ineens een heel vreemde lucht in de auto. Heel goor, dierlijk bijna. Het bleek zweet te zijn: Hans zat te transpireren als een otter.” Zijn ogen stonden kil. ‘Een moordenaarsblik’, zo omschrijft Loes het in haar boek. ,,Ineens leek het een héél slecht plan om dit te doen. Zou hij me gaan vermoorden? Zou dit verhaal mij m’n leven gaan kosten?”

Hans liet haar op een gegeven moment stoppen. ‘We zijn er’, had hij gezegd. ‘Dit is mijn huis.’ Hij was zo zenuwachtig geweest, omdat hij bang was dat Riet thuis zou zijn en zij Hans bij een andere vrouw in de auto zou zien zitten.

Driekhoeksverhouding

Er volgden meerdere afspraken, vooral in hotels, waar Hans steeds opener vertelde over zijn daden. ,,Vooral de moord op Coby vond ik heftig om te horen. Zo’n jonge vrouw, en zo gewetenloos vermoord. Zo onnodig ook…”

Loes heeft na dat autoritje nog één keer gevreesd voor haar leven. ,,Ik had mezelf voorgenomen dat ik nooit in slaap zou vallen bij hem. Maar op één avond was ik kapot van alles wat hij me had verteld, bovendien was hij een intens persoon. Ik dutte even in op het bed waar we op lagen en schrok wakker, omdat hij zijn handen om mijn keel had gelegd en fluisterde: ‘Ik ga je vermoorden’. Ik sloeg hem en zette het op een schreeuwen. En die rotzak maar lachen, hè.”

Verder was ze onbevreesd. ,,Ik was zijn muze. Hij zei altijd dat ik hem in leven hield.” ‘Je bent onder mijn huid gekropen’, had Hans op een dag gezegd. ‘Misschien ben ik verliefd op je.’ Die verliefdheid leek heftiger te worden toen Loes ook veel bij Hans en Riet thuiskwam en goed bevriend raakte met Riet. ,,Riet was een intelligente vrouw. Op een gegeven moment gingen Riet en Hans zelfs vechten om mijn aandacht. Het was een gekke driehoeksverhouding geworden.”

Voor spijt koop je niets, Loesje. Daarvoor krijg je geen brood bij de bakker

Hans van Zon

‘Die ouwe gek’

Hans van Zon, het hoofd in de klemgreep van een van de politiemannen, wordt uit de rechtszaal verwijderd, nadat hij zich aan het eind van het getuige-verhoor van Caroline G. enorm had opgewonden. Zij was de laatste die hij had aangevallen, en had de poging tot roofmoord overleefd. ©ANP

Of Loes ooit iets is gaan voelen voor de seriemoordenaar? Ze glimlacht. Weer een slok koffie. ,,Als je doelt op walging, afkeer, nieuwsgierigheid? Ja. Heb ik allemaal gevoeld. Maar verliefdheid? Nooit, nadat ik wist wat hij op zijn geweten had. Ook geen lust.”

Hoewel ze wél aan telefoonseks deden, samen op bed lagen in hotelkamers en Hans Loes vaak vroeg om zich sexy te kleden, wat Loes dan ook deed. ,,Het was een vrij passieve man als het ging om seks, hij vond het vooral leuk om te kijken. Mensen veroordelen me er misschien om, maar het is dertig jaar geleden hè: een andere tijd. We zijn nu preutser heb ik het idee. Ik ben zelf niet zo preuts. Bovendien: ik wilde dat verhaal. En als ik een verhaal wil, dan ga ik ervoor.”

Of ze dat nu heeft, dat verhaal, weet ze niet. ,,Ik heb nu zelfs 287 pagina’s over hem geschreven. Tijdens het schrijven voelde het soms net alsof hij náást me zat, die ouwe gek. Maar ik begrijp hem nog steeds niet. Vooral omdat hij nooit spijt heeft gehad. Hij zei altijd: ‘Voor spijt koop je niets, Loesje. Daarvoor krijg je geen brood bij de bakker.’ Ik blijf daarom van hem walgen. Maar het gekke is: tegelijkertijd was hij wel mijn maatje. Zo noemde hij me ook altijd.
Moatje, zo lekker op z’n Utrechts. Hij kende me door en door, ik kon altijd met alles bij hem terecht. En tegelijkertijd snapte ik níét dat hij zulke vreselijke dingen kon doen.”

Jarretels voor een seriemoordenaar

Jarretels voor een seriemoordenaar van Loes Leeman. ©Just Publishers

Het maakt haar ook een beetje huiverig voor de reacties van de buitenwereld, nu iedereen haar boek straks kan lezen. Ze aait hond Pikkie even. ,,Iemand zei een keertje tegen me: ‘Als je vrienden wilt, moet je een hond nemen’. En weet je? Mensen zullen me misschien veroordelen dat ik met een seriemoordenaar ben omgegaan. Maar het leven is niet zo zwart-wit. Ik denk ook echt dat het leerzaam is om in het hoofd van een seriemoordenaar te kruipen. Want zulk soort nietsontziende mensen: ze bestáán. Dan kunnen we maar beter naar ze luisteren, toch?”

Hans is twintig jaar geleden overleden op 56-jarige leeftijd: zijn ongezonde leefstijl speelde hem parten. Loes was bij zijn begrafenis, maar ze mist hem niet. ,,Ik heb hem altijd een schoft gevonden. Hij was een journalistiek project dat groter werd dan ik had verwacht. Maar ik heb wel een leven náást hem gehad, hè. Een relatie, vrienden, een carrière, ik bedacht het programma Tros Vermist en was er eindredacteur. Soms werkte ik wel honderd uur per week.”

Toen dat programma stopte, was er ineens tijd voor het boek,
Jarretels voor een seriemoordenaar, dat vanaf half februari in de winkels ligt. Loes grinnikt. ,,Hij lacht zich rot als-ie het kan zien van boven. Een boek! Over hem! En als hij nog had geleefd, dan had hij me aangemoedigd om de boel nog wat aan te dikken. Nog wat slechter te maken. Ja, zo was hij. Die ouwe gek.”

Jarretels voor een seriemoordenaar. Mijn jaren vol sensuele liefde en dodelijke angst met lustmoordenaar Hans van Z.- Loes Leeman, uitgeverij Just Publishers.