'Voor zelfverwijt bij dementie is geen reden'

Geheugenprofessor Douwe Draaisma pleit voor acceptatie en bewustwording

Dementeren is een heel ander proces dan vergeetachtigheid. Puzzeltjes oplossen tegen dementie helpt echt niet. Dus zegt geheugenprofessor Douwe Draaisma: "Dat je er niks tegen kunt doen is een geruststellend idee."
©© Corné Sparidaens

Hij heeft afgesproken in een etablissement in de slagschaduw van de Martinikerk. Daar, in die eeuwenoude Groningse kerk, wordt jaarlijks de Van der Leeuw-lezing gehouden. Douwe Draaisma (67) was lang voorzitter van de stichting die internationale schrijvers en denkers uitnodigde om die lezing te houden. Het is een imposante lijst, van topauteurs als Iris Murdoch en Hilary Mantel tot de Frans-Duitse politicus en publicist Daniel Cohn-Bendit.

Wat Douwe Draaisma betreft, ontbreekt er maar één naam: Julian Barnes, de Britse schrijver die zich zeker in zijn recente werk uitputtend heeft beziggehouden met Draaisma's eigen domein: het geheugen.

,,De romans van Barnes passen heel erg bij mijn benadering van geheugen. Het idee: dat wat later in je leven gebeurt, heeft invloed op hoe je je de dingen herinnert. Zijn roman Alsof het voorbij is is helemaal opgehangen aan de gedachte dat je je leven op een bepaalde manier herinnert, maar dat die herinneringen kunnen veranderen. Dan krijg je bijvoorbeeld een brief met andere informatie, waardoor je ineens heel anders tegen jezelf en je verleden moet aankijken. Barnes is wat ik noem een geheugenschrijver. Ik vind dat dit ook geldt voor Marten Toonder.''

Psst, vind je dit interessant?

Ontdek Topics nu 1 maand gratis en stel je eigen nieuwsoverzicht samen.

Lees 1 maand gratis

Al abonnee?

Log in en lees altijd gratis Topics.

Leg dat eens uit?

,,Toonder heeft ooit een uitspraak gedaan die ik ongelooflijk wijs en kernachtig vind. Iets wat in je jeugd gebeurd is, zei hij, is dikwijls het gevolg van een voorval op oudere leeftijd. Een jeugdgebeurtenis kun je pas plaatsen door wat later gebeurt. Je kunt die uitspraak ook toepassen op seksueel misbruik. Een kind begrijpt op het moment zelf niet wat het overkomt, kan het alleen maar naar vinden. Dan is hij of zij 20 en wordt duidelijk: dit was puur seksueel misbruik, dat wat die oom deed. Zodra dat etiket erop zit, heb je een heel andere verhouding tot die gebeurtenis dan je als kind had.''

Douwe Draaisma woont sinds jaar en dag in Groningen, maar werd geboren in Nijverdal, in het huis van zijn grootouders. "In de Zonnebloemstraat, in 1953. Niks bijzonders, en toch is het een tijdsbeeld. Het was namelijk op het hoogtepunt van de woningnood. Drie maanden later vond mijn vader eigen woonruimte in de buurt van Zutphen. Mijn grootouders zijn in Nijverdal blijven wonen. Ik heb daar heel goede herinneringen aan.''

Daarna werd de band met Twente minder?

"Ik vind het prettig om voor Twentenaren te spreken. Mijn moeder had een Twentse tongval. Ze hebben direct een streepje voor. Bizar natuurlijk.''

U bent geen Groninger geworden?

"Nee, en dat is opvallend. Ik woon hier al 45 jaar, maar heb me het Gronings nooit eigen gemaakt. Ik heb de stelling, en dat wordt ook in de literatuur bevestigd, dat wat je leest rond 15, 16, 17 jaar, en wat je aan hobby's ontwikkelt, aan vrienden krijgt, consequenties heeft voor de rest van je leven. Vrienden die je toen maakte, zijn nog vrienden. Wat ook bekend is, is dat wat je rond je 40ste, 50ste aan vrienden erbij krijgt, niet blijvend is.''

Douwe Draaisma was hoogleraar in de geschiedenis van de psychologie op de universiteit van Groningen. Vorig jaar ging hij met emeritaat. Zijn boek Waarom het leven sneller gaat als je ouder wordt is een everseller. Het wordt al twintig jaar cadeau gedaan aan iedereen die 60 wordt.

Is het geheugen een vriend van u?

"Ja, al moet ik zeggen dat met het vorderen der jaren de 'leeftijdsafhankelijke veranderingen van het geheugen' die ik uit boekjes ken, realiteit begint te worden. Zie ik een foto van de voetballer Bergkamp, dan denk ik: wat is zijn voornaam ook weer? Dat heb ik mijn hele leven toch geweten! René? Nee. Danny? Nee. Je weet het wel, maar je kan er niet opkomen. Een uur later schiet het je te binnen.''

Schrikt u dan?

"Altijd is er dat korte moment van: is dit het begin van...? Ik weet dat daar geen reden voor is, omdat vergeetachtigheid iets heel anders is dan dementeren. Je hoeft je pas zorgen te maken als je niet meer weet wie iemand is. Als je, in dit voorbeeld, bij de foto niet meer weet wie of wat Dennis Bergkamp is. Bij de foto heb ik allerlei associaties: ik weet wie hij is, ken zijn mooiste doelpunten, het commentaar van Jack van Gelder bij dat doelpunt tegen Argentinië. De overgang van identiteit naar naam is het kritische punt. Als identiteit verdwijnt, als het je niets meer zegt wanneer je die foto ziet, dan moet je je zorgen maken.''

Veel mensen maken zich zorgen over hun geheugen. Heeft u het idee dat u iets hebt kunnen bijdragen aan therapie?

"Nee. Ik denk wel dat ik de mensen, vooral met het boek De heimweefabriek heb gerustgesteld over het verschil tussen normale ouderdomsvergeetachtigheid en dementie. Je moet je niet door literatuur of reclame wijs laten maken dat als je vergeetachtig wordt dat het begin is van dementie en dat je daar wat aan moet doen. Advertenties voor kruiden, spelletjes, dingen als 'hou je brein fit', noem maar op. Allemaal toespelingen op: als u nu niet iets doet aan uw brein, kunt u dementeren. Zo werkt het niet.''

Geruststellend is het ook op een andere manier. "Als je begint te dementeren breekt het overal doorheen. Dan kun je nog zoveel sudoku's hebben gemaakt, het vormt geen enkele bescherming. Het suggereert ook dat als mensen de ziekte krijgen ze te weinig sudoku's hebben opgelost. Of kruiswoordpuzzels. Maar voor zelfverwijt is geen reden.''

Heeft u een 'algemeen geheugen'?

,,De mens heeft iets van 256 verschillende geheugens. Een semantisch geheugen, een motorisch geheugen, een akoestisch geheugen, noem maar op. De verschillen zijn groot. De een heeft een geweldig geheugen voor gezichten, maar niet voor namen. Een ander voor muziek, maar niet voor taal. Dat is niet aan te leren. Eén geheugen bizar ver ontwikkelen, heeft geen enkel effect op andere geheugensoorten. Dat is de denkfout die gemaakt wordt. De schaakmeester traint zijn geheugen enorm en dat wordt dan heel sterk. Mensen trekken daar de conclusie uit dat ze hun hele geheugen op die manier kunnen ontwikkelen, maar dat is niet zo. Het blijft beperkt tot die ene deskundigheid.

Ik sprak op een bijeenkomst een vrouw. Ze kon moeilijk namen onthouden en had een cursus gevolgd. 'Toen kon ik het nog stééds niet', zei ze. Hier past de geruststelling: je kunt het niet trainen. Trucjes houd je één week vol. Dan heb ik liever de geruststelling dat je er niks aan kunt doen. Een oudoom van mij had moeite met namen. Als hij mensen een hand gaf, zei hij: 'Ik ben Hendrik en hoe jij heet weet je zelf wel'.''

Nu hij van de universiteit af is, kan hij zich concentreren op zijn boeken. Over het geheugen. En hij schrijft over wanen. Over fantoompijn bijvoorbeeld, pijn in een afgezet been. ,,Die gewaarwording is echt, die is er wel degelijk.''

Ook rouwhallucinaties vallen hieronder. ,,Als mensen na een lang, gelukkig huwelijk alleen komen te staan, kan het gebeuren dat ze de stem van hun partner nog horen of het gevoel hebben dat ze hem zien zitten. Bij meer dan de helft van de weduwen en weduwnaars komt dit voor. Ze weten dat het niet kan, maar de ervaring zelf is heel reëel.''

Vinden ze dat fijn of confronterend?

,,Vrijwel iedereen vindt dat een prettige ervaring. Dat je er zo weinig over hoort, komt omdat mensen het voor zich houden. Vooral niet naar de huisarts gaan, want dit soort hallucinaties wordt geassocieerd met psychiatrie. Als een weduwe tegen de buurvrouw zegt dat ze gisteren meende haar overleden man te horen, is ze bang dat de buurvrouw denkt dat ze aan het doordraaien is. Daarom wordt er weinig over gesproken. Ze koesteren het. Hij is nog een beetje bij mij.''

Nog een laatste vraag over het geheugen: ben ik iets vergeten?

,,Ik geloof het niet.''