'Ook voor mannen valt er nog heel wat te emanciperen'

Het gaat volop over vrouwenemancipatie, maar mannen zitten net zo goed in een keurslijf, vindt Jens van Tricht (48) van ­platform Emancipator. 'Dominant, sterk, stoer - daar worden mannen nog steeds op afgerekend.'
Jens van Tricht ©Ernst Coppejans

'Een mannelijke feminist' noemt Jens van Tricht zichzelf. Hij richtte drieënhalf jaar geleden stichting Emancipator op, waarmee hij zich hard maakt voor een gelijke positie voor mannen en vrouwen.

En Van Tricht is niet bang zich te mengen in discussies - zo'n 25 jaar geleden rondde hij zijn opleiding vrouwenstudies af, hij heeft inmiddels lang ­genoeg geluisterd om zelf zijn stem te laten horen. Veelgehoorde reacties uit de mannelijke hoek: mietje, homo, geen echte man.

Van Tricht heeft de overtuiging dat we af moeten van het traditionele keurslijf van mannelijkheid, waarbij een man daadkrachtig, dominant, onafhankelijk, competitief, sterk en stoer moet zijn.

"Als ik tijdens workshops een flap-over klaarzet met een stift erbij, zijn dat de kenmerken die telkens komen bovendrijven. Het is wat stereotiep, maar dat is waar je als man op wordt afgerekend. Ik denk dat iedere man daar iets uit herkent. Voldoe je niet aan die zaken, dan ben je een mietje."

Hoe omschrijft u 'de man'?
"Ik geloof dat 'de man' niet bestaat. Er bestaan mannen. Het is problematisch om over 'de man' te praten omdat je ze allemaal over één kam scheert. Mannelijkheid is gender, alles wat geprojecteerd wordt. De crisis van mannelijkheid, die gekoppeld wordt aan de feminisering van de samenleving, ken ik al dertig jaar."

Alle mannen zitten in zekere zin in de kast van man­ne­lijk­heid

"Er is een parallelle ontwikkeling met de emancipatie van vrouwen. Naarmate vrouwen en meisjes succesvoller zijn en gelijker worden behandeld, krijgen mannen het gevoel dat ze ongelijk worden behandeld. Voor mensen met privileges - de witte, heteroseksuele man - voelt gelijke behandeling als achterstelling. Voor hen blijft het onwennig dat de rest van de wereld gelijk behandeld wil worden."

U bent zelf een witte, heteroseksuele man.
"Ja, ik voldoe aan alle categorieën. Maar ik geloof dat we maatschappelijke problemen kunnen oplossen door op een nieuwe manier naar mannen en mannelijkheid te ­kijken."

Eind juli kwam Sire met een spotje: jongens moeten ­jongens kunnen zijn.
"In het spotje worden mannen en vrouwen tegenover elkaar gezet. Jongens krijgen een ouderwets perspectief - ravotten, stoeien - terwijl we juist niet terug in de tijd, maar vóóruit moeten. Zo'n stereotypering is beperkend voor mannen. Het feminisme zegt: jullie hebben ook zorgzaamheid, empathie en zachtheid. Maak daar gebruik van. Het feminisme wordt vaak weggezet alsof het tegen mannen is, maar ik zie het als een stroming die zegt: goh mannen, jullie zijn tot meer in staat. Je hoeft niks te onderdrukken in jezelf. Alle mannen zitten in zekere zin in de kast van mannelijkheid."

U dacht mee in het voortraject, maar was niet blij met het eindresultaat.
"Nee, het is namelijk ook beperkend voor vrouwen: blijkbaar mogen zij niet ravotten, jongens wel. Terwijl uit allerlei onderzoeken blijkt: er is veel meer overlap dan verschil tussen jongens en meisjes. Onderling, binnen de sekse, zijn de verschillen veel groter. Volgens mij is dat de kern."

U schreef in uw essay 'Red de jongens': 'De meeste jonge mannen (...) leven in het hier en nu. Later is boeie, kostwinnerschap geen woord in hun vocabulaire; wel willen ze graag rijk en succesvol worden. (...) En iemand vinden om van te houden. En kinderen krijgen.' Is dat een luie houding?
"Het woord 'lui' is niet aan mij."

Ik herken wel iets in die houding. Overzie ik het probleem niet?
"Ik denk dat het toekomstperspectief waarmee jij als man bent grootgebracht wezenlijk verschilt van het beeld waarmee de meeste vrouwelijke leeftijdsgenoten (twintigers, red.) zijn opgegroeid. Een vrouw moet economisch zelfstandig zijn, een diploma en een baan hebben, en moet daarnaast moeder worden - en een goede ook. De meeste mannen groeien nog steeds niet op met het perspectief dat ze een zorgzame vader moeten zijn. Carrière maken staat op één. Ik chargeer, maar de meeste mannen houden voor het eerst een baby vast als hun eigen kind geboren is."

Ik ben er niet om vrouwen te vertellen wat ze wel of niet moeten doen. Ik richt mij op de rol van mannen

"In het essay schrijf ik wel dat er voor het eerst een generatie jongens opgroeit die niet ten koste van alles kostwinner hoeft te zijn. Tegelijkertijd blijven jongens het belangrijk vinden dat ze een gezin kúnnen dragen en meer verdienen dan hun partner. Er zit ontwikkeling in, maar stel je voor dat je kunt zeggen: ik wil doen wat ik leuk vind, ik hoef niet per se die race in om wie het succesvolst is. Dan komt er ruimte voor hobby's, vrijwilligerswerk en vaderschap; een gevoel van eigenwaarde dat van een breder pallet afhankelijk is dan van een goede baan en het gezinsinkomen."

Heeft dat niet vooral te maken met wat de maatschappij als succesvol burgerschap ziet?
"Absoluut. Succesvol burgerschap wordt gedefinieerd door autonomie, onafhankelijkheid en competitie. Niet in termen van verbondenheid, inlevingsvermogen en zorg. Dat betekent dat er voor vrouwen meer te winnen is in 'mannelijker' worden, dan voor mannen om je 'vrouwelijk' te ontwikkelen. Ik neem jou even als voorbeeld: wat als jouw partner meer verdient, jullie een kind krijgen en het eigenlijk wel logisch is dat jij huisvader wordt? Je schrijft af en toe nog een stukkie, maar zij brengt het geld in het laatje. Ik ben benieuwd hoe dat voor jou zou zijn - en ook benieuwd hoe jouw omgeving reageert, want dat is vaak waar het knelt."

Is het naïef als ik denk dat daar ruimte voor is?
"Ik voer dit gesprek al jaren elke dag en zeker twintig jaar geleden werden mannen in zo'n situatie uitgelachen of verguisd. Uit onderzoek blijkt ook dat mannen bang zijn voor de reactie van werkgever, vrienden en ook hun partner. Zelfs als je het zou willen is er nog een probleem: er is weliswaar een groeiende groep vrouwen die het steeds beter doet op de arbeidsmarkt, maar de kloof ontstaat zodra er kinderen komen. De mannen gaan meer werken en de vrouwen zitten thuis. Dat haal je nauwelijks nog in."

Vandaar ook de lobby voor verlengd vaderschapsverlof.
"We zouden de verloven onmiddellijk gelijk moeten stellen, omdat daarmee een duidelijk signaal naar mannen gaat dat hun zorg belangrijk is. Tegelijkertijd geef je aan de werkgever de boodschap dat mannen net zo'n 'risico' vormen op de arbeidsmarkt als vrouwen. Nu worden vrouwen gediscrimineerd. Stel het gelijk en je hebt een ­level playing field, zowel op de zorg- als arbeidsmarkt. "

Waarom gaat dat zo traag?
"Zelfs met de vijf dagen die de PvdA wist te bevechten - en die nu alweer controversieel zijn - lopen we nog achter in Europa. Het is moeilijk te verklaren: ik zie alleen maar redenen om het wel te doen. Men wijst naar traditionele opvattingen in kostwinner- en moederschapcultuur. We hebben werkgevers die heel conservatief zijn, maar dat gaat maar langzaam beter. Dit onderwerp is de laatste jaren zo hard gaan schuiven: ik kan me niet voorstellen dat we het niet binnen een paar jaar goed geregeld krijgen."

Is het lastig om als man vooraanstaand feminist te zijn? Toen u voor de Tweede Kamerverkiezingen werd aan­gekondigd als nummer vijf op de lijst van Artikel1 werd u door vooral de rechtse media door de mangel gehaald.
"Weet je, de kritiek van mannen ben ik wel gewend. Die varieert van loser, watje, mietje, homo, geen echte man tot verrader. Je hoort als man niet 'afvallig' te zijn. Vanuit vrouwen hoor ik wel eens dat ik me te veel op de voorgrond plaats als feminist. Dat snap ik."

Waarom?
"Ik heb daarin een heel duidelijke keuze gemaakt. Ik ben er niet om vrouwen te vertellen wat ze wel of niet moeten doen. Ik richt mij op de rol van mannen. Omdat daar een wezenlijk deel van het probleem ligt. Stel je voor dat in de racismediscussie witte mensen zwarte mensen gaan vertellen wat ze wel of niet moeten doen. Dat schiet niet op."

Discussies over emancipatie en feminisme worden vaak scherp gevoerd, spreekt dat u aan?
"Ik zie om me heen dat alles wat je zegt gevoelig ligt. 25 jaar geleden raakte de heftigheid mij ook, vooral van vrouwen die blijkbaar heel erg te lijden hadden gehad onder man-vrouwverhoudingen. Een belangrijke les die ik in het feminisme heb geleerd: je moet luisteren. In plaats van meteen je mening klaar te hebben, kun je er ook over nadenken. Wat in de racismediscussie vaak wordt gezegd: zit maar even in je ongemak. Dat geldt hier eigenlijk ook. Ik heb geleerd niet altijd haantje de voorste te zijn - terwijl me dat wel als mannelijk zou bestempelen."

Psst, vind je dit interessant?

Ontdek Topics nu 1 maand gratis en stel je eigen nieuwsoverzicht samen.

Lees 1 maand gratis

Al abonnee?

Log in en lees altijd gratis Topics.

Cadeautje

Verras je familie of vrienden met hun eigen persoonlijke nieuwssite, gebaseerd op een selectie van hun favoriete onderwerpen. Bekijk hier een voorbeeld van de uitnodiging.